zondag 22 mei 2016

16 t/m 21 mei: Van Wight naar Dartmouth

16 mei: Naar Osborne House


Met de bus naar Osborne House
Wim en Mieke besluiten vandaag door te varen naar Weymouth. Wij blijven nog een dagje hier liggen.
Er loopt een vrouw over de steiger die Jan Willem aanspreekt met: “What a big blue boat you have.” Jan Willem vat het op als een compliment. Ze munt uit in Engelse vriendelijkheid èn lelijkheid met een gebit waar een orthodontist zijn tweede huisje van zou kunnen financieren. Ze vertelt over haar uitgebreide zeilervaring, maar als Jan Willem doorvraagt blijkt ze met haar bootje niet verder te zijn gekomen dan tot ‘om de hoek’. De rest staat nog op de wishlist. Wat maakt het uit, als je er maar lol in hebt!
Majestueuze ceder in de tuin van Osborne House
Een van de topattracties van Wight is Osborne House, het zomerverblijf van Queen Victoria. Met onze English Heritage pas kunnen we er gratis in. Dus nemen we de bus via Newport naar East Cowes. We zoeken een plaatsje boven in de dubbeldekker, zodat we over de heggen in het landschap heen kunnen kijken. Het landschap is magnifiek. Reizen met de bus op Wight lijkt op een soort rollercoaster. De bussen rijden hard over de smalle, bochtige wegen. En of het aan de weg of aan de vering van de bus ligt weet ik niet, maar je wordt compleet door elkaar geschud.
Osborne House vanaf de formele tuin
De dining hall, waar gasten werden ontvangen
Instructie tafeldekken,
doet me denken aan mijn tante Hetty
Osborne house is rond 1845 gebouwd door Prins Albert, de echtgenoot van Koningin Victoria. Het verhaal vertelt dat het koninklijk gezin, - ze hadden negen (!) kinderen -, hier de gelukkigste tijd van hun leven doorbracht, uit het zicht van pers en publiek. Het huis is ingericht met prachtige meubels en kunst, veelal kerst- en verjaarscadeautjes.
De Swiss Cottage
In het park staat de Swiss Cottage, die bedoeld was om de prinsen en prinsessen kennis te laten maken met het ‘gewone’ leven. Ze konden er tuinieren, knutselen en tekenen. We lunchen op een bank op het terras met uitzicht op de Solent. Ik zou hier ook wel prima kunnen vertoeven.

De terugreis met de bus gaat langs de zuidkust








In plaats van de directe busverbinding terug naar Yarmouth kiezen we een buslijn langs de zuidkust. Dat betekent dat we in Newport bij het overstappen tijd hebben voor een wandeling en een drankje op een terras. Jan Willem bestelt er chips bij en krijgt frieten, het klassieke misverstand. Daarna hotseklotst het weer verder over de lokale wegen, door charmante dorpjes en met adembenemende uitzichten. Als we in Yarmouth uitstappen staan we onvaster op de benen dan na een stevige zeereis! Het was weer een mooie dag.
Yarmouth heeft een mooie houten pier

17 mei: Naar Weymouth


Vertrek uit Yarmouth
Gezien de onbestendigheid in de weersvoorspelling gaan we geen nacht doorvaren naar Dartmouth, dus wordt Weymouth onze bestemming. Vertrek is om negen uur. De wind  is inmiddels naar westzuidwest gedraaid en we moeten kruisen. Omdat de stroom meeloopt is dat niet zo’n probleem. Met dit soort trajecten weten we weer waarom we  een Breehorn 41 hebben: comfortabel mooi hoog aan de wind zeilen, zowel met windkracht drie in het begin van ons traject, als met een dikke vijf tijdens de laatste tien mijl.
Langs The Needles
De vuurtoren bij The Needles
Eerst de Solent uit langs The Needles, de magische plek waar iedere zeiler geweest moet zijn. We nemen natuurlijk veel te veel foto’s. De tocht gaat langs Swanage Bay en Anvil Point. We zien een 17 meter groot, donkerblauw jacht achter ons aan kruisen. Het is de HMSTC Chaser, een schip dat als opleidingschip voor legerofficieren wordt gebruikt.
HMSTC Chaser
Voorbij de kaap van St. Albans Head is een schietgebied, waar je omheen moet. Er liggen een aantal gele boeien waar ze tijdens oefeningen op mikken en daar moet je een mijl vandaan blijven. Dat doen we niet helemaal, maar gezien de manier waarop de Engelsen pochen over hun precisiebombardementen in Irak, moet dat geen probleem zijn. Het schietgebied voorbij, zetten we koers naar Weymouth. Alleen is het wachtschip SMIT Towey het daar niet mee eens. De dame vraagt ons de koers te verleggen, waardoor we overstag moeten. Zo houden we die Chaser natuurlijk nooit bij! Later vaart het schip voor ons uit de haven van Weymouth binnen.
Bij het oproepen van de havenmeester, vraagt hij ons naast de ‘Quintee’ te gaan liggen. Die naam komt ons bekent voor, de Kwinte van Wim en Mieke.

18 mei: Uitslapen en poetsen


Vistuig op de kade in Weymouth
Omdat de voorspellingen voor vandaag slechter zijn dan voor morgen, slapen we lekker uit en gebruiken we de dag om de boot schoon te maken. ’s Middags willen we gaan golven, - ik heb een baan in de buurt opgezocht -, maar de Engelse buienradar kondigt stevige buien aan. Het moet natuurlijk wel leuk blijven! Dus gaat JW een alarm inbouwen dat hij aansluit op het ankeralarm van de plotter, zodat we dat ook kunnen horen als we in bed liggen. Ik poets de buitenkantvan het schip tussen de buien door.
Uitzicht op Portland Harbour vanuit Nothe Park in Weymouth
De haven van Weymouth
Eind van de middag maken we een lekkere wandeling. De buien zijn overgewaaid en de zon zet het stadje in een gouden licht.
Dan arriveert er een Breehorn 37 in Weymouth. Het is de Kobbe, een van de schepen van Kees Kingma, die haar aan een Zwitsers stel heeft verhuurd. Zij hebben gepland in 11 weken een rondje Engeland te varen. Dat betekent behoorlijk doorwerken. Jan Willem maakt een praatje op de steiger.







In de avondzon




19 mei: Kruisen naar Dartmouth


De race van Portland Bill is met weinig wind al indrukwekkend (film)
De Kobbe is al vroeg vertrokken. De weersvoorspelling geeft west tot zuidwesten wind kracht 3 tot 5, later 6. Dat betekent dat het traject naar Dartmouth niet bezeild zal zijn.
Thee en heet water zit in de thermoskannen, de boterhammen zijn gesmeerd, de zak met Unox soep is onder handbereik. In verband met het tij varen wij om negen uur af. De dag begint zonnig, met niet al teveel wind uit het westen. Daarom varen we rustig binnendoor tussen de West Shambles, een ondiepte, en de kaap van Portland Bill door. We hebben stroom mee en de wind, die tegen de stroom in staat, trekt aan tot ongeveer 12 knopen ware wind. Dan naderen we de rand van de beruchte race van Portland Bill. We zien in de verte al de schuimkoppen. Ondanks dat het niet hard waait zitten we van het ene op het andere moment tussen de forse steile golven en brekers. Gelukkig hebben we voldoende snelheid, maar het is wel indrukwekkend! Als dit al met een beetje wind gebeurt, moet je hier niet zijn als het harder waait. We koersen pal zuid totdat het water rustiger wordt. Dan pas gaan we overstag naar het noordwesten de Lyme Bay in.
Enige tijd later horen we een oproep over de marifoon van het warship Portland, dat schietoefeningen aankondigt 15 mijl in de omtrek van een positie die volstrekt niet is te verstaan. Wat kunnen die Engelsen toch binnensmonds praten! Jan Willem roept ze op, - we willen tenslotte geen bommen om de oren -, maar het warship Portland geeft geen sjoege. Gelukkig herhalen ze hun boodschap een aantal malen en met de recorder in de hand weet JW de positie te noteren. Als we daarmee rekening moeten houden, wordt het fors omvaren. Voorlopig wijzigen we onze koers niet, omdat we zo hoog mogelijk aan de wind willen varen. Zo’n drie mijl voor ons vaart de Kobbe. En dan horen we de Portland opeens de Kobbe oproepen. Verdorie, gaat hij ons straks ook oproepen? De Kobbe reageert niet en ook wij houden koers. Even later horen we kort achter elkaar een aantal doffe dreunen. Ann bakboord voor zien we in de verte een aantal waterfonteinen. Het wordt nu toch wel serieus. Maar we worden niet opgeroepen en de oefening lijkt voorbij.
Grauw en koud weer als we Dartmouth naderen
In de middag betrekt het. Jan Willem zet een reef als de ware wind boven de 15 knopen aantrekt en een tweede als het twee uur later 19 knopen waait. De golfslag neemt flink toe. Rond vijf uur ‘s middags onder de kust bij Torquay gaan we overstag en zakt de wind in. De stroom staat inmiddels tegen. Door de forse golfslag, die nog doorstaat, komen we niet meer vooruit. Er gaat een reef uit, maar dat helpt niet genoeg. Ondertussen is het ook nog gaan miezeren. De psychologie doet zijn werk en de motor gaat erbij. We zien de Kobbe achter ons tegen de wind in boksen, waarschijnlijk zonder motor, want ze komt nauwelijks vooruit. Ondertussen trekt de wind aan, uiteindelijk tot 25 knopen ware wind. Ik rol de fok in. Omdat we nabij Dartmouth zijn, gaan we niet meer reven, maar eigenlijk voeren we teveel zeil. Om acht uur ’s avonds meren we af in Darthaven Marina in Kingswear, tegenover Dartmouth, na een vermoeiende tocht van ongeveer elf  uur hoog aan de wind zeilen. Uiteindelijk hebben we 70 mijl  gevaren in plaats van de geplande 55. Na het eten en vallen de oogjes al heel snel dicht.

20 mei: Naar Dartmouth Castle


Gezicht op de River Dart, met op de achtergrond het Royal Naval College
De stoomtrein komt aan in Kingswear (film)
Na de tocht van gisteren slapen we lekker uit en ontbijten op ons gemakje. Omdat straks er een groep van een regatta aankomt, krijgen we een ander plekje. Tegen twaalven kentert de stroom en verhuizen we. Vorig jaar ging het hier iets minder goed, omdat we de stroming niet hadden onderkend en die spanning komt weer boven. Er staat nu behoorlijk wat wind, maar alles gaat netjes.
De stoomtrein van Paignton naar Kingswear heeft zijn eindstation naast de haven. Af en toe hoor je hem fluiten en ruik je de vette kolenwalm. 
Het pondje naar Dartmouth
’s Middags steken we vanuit Kingswear met het pondje over naar Dartmouth. Via Bayards Cove wandelen we het coastal path naar Dartmouth Castle. Het kasteel is als verdedigingswerk gebouwd en nooit als woonhuis gebruikt. Van de 14e eeuw tot in de 19e eeuw is het in gebruik geweest, onder andere tegen invallen van de Noormannen en later de Fransen.
We lopen terug via het stadje om boodschappen te doen en nemen het voetgangerspondje vanuit het centrum naar Kingswear. Net voor de regen kruipen we weer in ons warme bootje.
 
Dartmouth Castle

Detail van een  regenpijp

21 mei: In de regen naar Coleton Fishacre


Vandaag worden we alweer niet al te vroeg wakker. Het lijkt wel dat we of fikse tochten maken, of behoorlijk lui zijn. Net als topsporters, hoewel we ons daar niet mee willen vergelijken. Misschien komt het doordat het vannacht behoorlijk hard heeft gewaaid, met de daarbij behorende onrust vanwege golfslag en geluiden.
Coleton Fishacre
Interieur, eetkamer in notenhout
Het is regenachtig weer, dat niet uitnodigt om naar buiten te gaan, maar van een hele dag binnen zitten wordt je ook maar chagrijnig. Dus smeren we boterhammetjes en pakken de rugzak in, trekken we wandelschoenen en regenpakken aan. Ons doel wordt een landhuis met een mooie tuin een stukje verderop, richting Brixham, Coleton Fishacre geheten.
Vlakbij de haven is een bushalte en het eerste stukje nemen we de bus. Al gauw zegt de chauffeur dat we eruit moeten. Dan is het nog een stuk verder lopen dan gedacht. We zijn gelukkig goed gekleed. Het is een huis van de National  Trust, de concurrent van English Heritage. Ook hier worden we lid.
Waarschijnlijk halen we het er wel uit en anders is het een bijdrage aan een goed doel.
De bibliotheek
Het huis is in 1926 gebouwd door Rupert d’Oyly Carte en zijn vrouw Lady Dorothy als buitenverblijf, naast hun huis in Londen. Hij was erfgenaam en magnaat van twee Londense hotels en van het Savoy Opera House, waar het componistenduo Gilbert en Sullivan furore maakten. Het huis is gebouwd in de toen gangbare Arts and Crafts stijl, die eenvoud en natuurlijkheid uitstraalt. De natuursteen komt uit een kleine groeve die speciaal is gemaakt op het terrein zelf. De inrichting is Art Deco en Art Nouveau en doet heel huiselijk aan. Heel anders dan de kastelen en paleizen die we tot nu toe hebben gezien. Als we het huis binnenkomen, speelt in de salon een oudere heer op de vleugel muziek uit de dertiger jaren. Zie het linkje
Detail van de kaart boven de haard
Tuinman Martin vertelt enthousiast
Onder begeleiding van tuinman Martin maken we een wandeling door de werkelijk adembenemende tuinen. Martin vertelt enthousiast terwijl de regen inmiddels met bakken uit de hemel komt. Er zijn acht afzonderlijke tuinen met elk een eigen seizoen en kleurenschema, mooie vijvers en een charmant stroom met watervallen.
Gesterkt door koffie en cake wandelen we via het public footpath binnendoor terug naar Kingswear. 



Tuin met stroom met niveauverschillen
Lekker wandelen in de regen ...
... over glibberige paadjes, ...
Ondanks de regen, die van geen ophouden weet, genieten we van de mooie ‘countryside’.
Weer aan boord bereiden we ons voor op de tocht van morgen. We willen naar Fowey (klinkt als boy of toy).
















.... genietend van het uitzicht

2 opmerkingen:

  1. Aj, spannend met de mortieren die om je oren vliegen. Volgende keer met een vliegdekschip gaan?
    Goede voortzetting van de reis!
    willem-peter

    BeantwoordenVerwijderen
  2. hoi Reneé en Jan-Willem,
    ik heb net 'even' alles gelezen van jullie rondje Engeland tot nu toe, hartstikke leuk om te volgen! Ook leuk voor mij en Kees om over Kobbe te lezen...fijn dat die schietoefening op zee Kobbe en Iskander niet heeft geraakt! De oplossing van de fok inrollen door rondjes te varen vind ik trouwens superslim.

    Kees en ik zijn net weer thuis van een deel van de aanbrengtocht van de Rhapsody in Blue (B37) met de eigenaren op weg naar de botenshow in Neustadt. We mochten mee tot Nordeney en zijn daar afgelost door Lars.

    Ik ga jullie blog nu volgen en meegenieten van wat jullie allemaal zien en meemaken.
    Veel plezier en goede vaart!

    BeantwoordenVerwijderen