16 mei: Naar Osborne House
 |
| Met de bus naar Osborne House |
Wim en Mieke besluiten vandaag door te varen naar Weymouth.
Wij blijven nog een dagje hier liggen.
Er loopt een vrouw over de steiger die Jan Willem aanspreekt
met: “What a big blue boat you have.” Jan Willem vat het op als een compliment.
Ze munt uit in Engelse vriendelijkheid èn lelijkheid met een gebit waar een
orthodontist zijn tweede huisje van zou kunnen financieren. Ze vertelt over
haar uitgebreide zeilervaring, maar als Jan Willem doorvraagt blijkt ze met
haar bootje niet verder te zijn gekomen dan tot ‘om de hoek’. De rest staat nog
op de wishlist. Wat maakt het uit, als je er maar lol in hebt!
 |
| Majestueuze ceder in de tuin van Osborne House |
Een van de topattracties van Wight is Osborne House, het
zomerverblijf van Queen Victoria. Met onze English Heritage pas kunnen we er
gratis in. Dus nemen we de bus via Newport naar East Cowes. We zoeken een
plaatsje boven in de dubbeldekker, zodat we over de heggen in het landschap
heen kunnen kijken. Het landschap is magnifiek. Reizen met de bus op Wight
lijkt op een soort rollercoaster. De bussen rijden hard over de smalle,
bochtige wegen. En of het aan de weg of aan de vering van de bus ligt weet ik
niet, maar je wordt compleet door elkaar geschud.
 |
| Osborne House vanaf de formele tuin |
 |
| De dining hall, waar gasten werden ontvangen |
 |
Instructie tafeldekken,
doet me denken aan mijn tante Hetty |
Osborne house is rond 1845 gebouwd door Prins Albert, de
echtgenoot van Koningin Victoria. Het verhaal vertelt dat het koninklijk gezin,
- ze hadden negen (!) kinderen -, hier de gelukkigste tijd van hun leven
doorbracht, uit het zicht van pers en publiek. Het huis is ingericht met prachtige
meubels en kunst, veelal kerst- en verjaarscadeautjes.
 |
| De Swiss Cottage |
In het park staat de Swiss Cottage, die bedoeld was om de prinsen en prinsessen kennis te laten maken met het ‘gewone’ leven. Ze konden er tuinieren, knutselen en tekenen. We
lunchen op een bank op het terras met uitzicht op de Solent. Ik zou hier ook
wel prima kunnen vertoeven.
 |
| De terugreis met de bus gaat langs de zuidkust |
In plaats van de directe busverbinding terug naar Yarmouth
kiezen we een buslijn langs de zuidkust. Dat betekent dat we in Newport bij het
overstappen tijd hebben voor een wandeling en een drankje op een terras. Jan
Willem bestelt er chips bij en krijgt frieten, het klassieke misverstand.
Daarna hotseklotst het weer verder over de lokale wegen, door charmante dorpjes
en met adembenemende uitzichten. Als we in Yarmouth uitstappen staan we
onvaster op de benen dan na een stevige zeereis! Het was weer een mooie dag.
 |
| Yarmouth heeft een mooie houten pier |
17 mei: Naar Weymouth
 |
| Vertrek uit Yarmouth |
Gezien de onbestendigheid in de weersvoorspelling gaan we
geen nacht doorvaren naar Dartmouth, dus wordt Weymouth onze bestemming. Vertrek
is om negen uur. De wind is inmiddels
naar westzuidwest gedraaid en we moeten kruisen. Omdat de stroom meeloopt is
dat niet zo’n probleem. Met dit soort trajecten weten we weer waarom we een Breehorn 41 hebben: comfortabel mooi hoog
aan de wind zeilen, zowel met windkracht drie in het begin van ons traject, als
met een dikke vijf tijdens de laatste tien mijl.
 |
| Langs The Needles |
 |
| De vuurtoren bij The Needles |
Eerst de Solent uit langs The Needles, de magische plek waar
iedere zeiler geweest moet zijn. We nemen natuurlijk veel te veel foto’s. De
tocht gaat langs Swanage Bay en Anvil Point. We zien een 17 meter groot,
donkerblauw jacht achter ons aan kruisen. Het is de HMSTC Chaser, een schip dat
als opleidingschip voor legerofficieren wordt gebruikt.
 |
| HMSTC Chaser |
Voorbij de kaap van St. Albans Head is een schietgebied,
waar je omheen moet. Er liggen een aantal gele boeien waar ze tijdens
oefeningen op mikken en daar moet je een mijl vandaan blijven. Dat doen we niet
helemaal, maar gezien de manier waarop de Engelsen pochen over hun
precisiebombardementen in Irak, moet dat geen probleem zijn. Het schietgebied
voorbij, zetten we koers naar Weymouth. Alleen is het wachtschip SMIT Towey het
daar niet mee eens. De dame vraagt ons de koers te verleggen, waardoor we
overstag moeten. Zo houden we die Chaser natuurlijk nooit bij! Later vaart het
schip voor ons uit de haven van Weymouth binnen.
Bij het oproepen van de havenmeester, vraagt hij ons naast
de ‘Quintee’ te gaan liggen. Die naam komt ons bekent voor, de Kwinte van Wim
en Mieke.
18 mei: Uitslapen en poetsen
 |
| Vistuig op de kade in Weymouth |
Omdat de voorspellingen voor vandaag slechter zijn dan voor
morgen, slapen we lekker uit en gebruiken we de dag om de boot schoon te maken.
’s Middags willen we gaan golven, - ik heb een baan in de buurt opgezocht -,
maar de Engelse buienradar kondigt stevige buien aan. Het moet natuurlijk wel
leuk blijven! Dus gaat JW een alarm inbouwen dat hij aansluit op het ankeralarm
van de plotter, zodat we dat ook kunnen horen als we in bed liggen. Ik poets de
buitenkantvan het schip tussen de buien door.
 |
| Uitzicht op Portland Harbour vanuit Nothe Park in Weymouth |
 |
| De haven van Weymouth |
Eind van de middag maken we een lekkere wandeling. De buien
zijn overgewaaid en de zon zet het stadje in een gouden licht.
Dan arriveert er een Breehorn 37 in Weymouth. Het is de
Kobbe, een van de schepen van Kees Kingma, die haar aan een Zwitsers stel heeft
verhuurd. Zij hebben gepland in 11 weken een rondje Engeland te varen. Dat
betekent behoorlijk doorwerken. Jan Willem maakt een praatje op de steiger.
 |
| In de avondzon |
19 mei: Kruisen naar Dartmouth
De Kobbe is al vroeg vertrokken. De weersvoorspelling geeft
west tot zuidwesten wind kracht 3 tot 5, later 6. Dat betekent dat het traject
naar Dartmouth niet bezeild zal zijn.
Thee en heet water zit in de thermoskannen, de boterhammen
zijn gesmeerd, de zak met Unox soep is onder handbereik. In verband met het tij
varen wij om negen uur af. De dag begint zonnig, met niet al teveel wind uit
het westen. Daarom varen we rustig binnendoor tussen de West Shambles, een
ondiepte, en de kaap van Portland Bill door. We hebben stroom mee en de wind,
die tegen de stroom in staat, trekt aan tot ongeveer 12 knopen ware wind. Dan naderen
we de rand van de beruchte race van Portland Bill. We zien in de verte al de
schuimkoppen. Ondanks dat het niet hard waait zitten we van het ene op het
andere moment tussen de forse steile golven en brekers. Gelukkig hebben we
voldoende snelheid, maar het is wel indrukwekkend! Als dit al met een beetje
wind gebeurt, moet je hier niet zijn als het harder waait. We koersen pal zuid
totdat het water rustiger wordt. Dan pas gaan we overstag naar het noordwesten
de Lyme Bay in.
Enige tijd later horen we een oproep over de marifoon van
het warship Portland, dat schietoefeningen aankondigt 15 mijl in de omtrek van
een positie die volstrekt niet is te verstaan. Wat kunnen die Engelsen toch
binnensmonds praten! Jan Willem roept ze op, - we willen tenslotte geen bommen
om de oren -, maar het warship Portland geeft geen sjoege. Gelukkig herhalen ze
hun boodschap een aantal malen en met de recorder in de hand weet JW de positie
te noteren. Als we daarmee rekening moeten houden, wordt het fors omvaren.
Voorlopig wijzigen we onze koers niet, omdat we zo hoog mogelijk aan de wind
willen varen. Zo’n drie mijl voor ons vaart de Kobbe. En dan horen we de
Portland opeens de Kobbe oproepen. Verdorie, gaat hij ons straks ook oproepen?
De Kobbe reageert niet en ook wij houden koers. Even later horen we kort achter
elkaar een aantal doffe dreunen. Ann bakboord voor zien we in de verte een
aantal waterfonteinen. Het wordt nu toch wel serieus. Maar we worden niet
opgeroepen en de oefening lijkt voorbij.
 |
| Grauw en koud weer als we Dartmouth naderen |
In de middag betrekt het. Jan Willem zet een reef als de
ware wind boven de 15 knopen aantrekt en een tweede als het twee uur later 19
knopen waait. De golfslag neemt flink toe. Rond vijf uur ‘s middags onder de
kust bij Torquay gaan we overstag en zakt de wind in. De stroom staat inmiddels
tegen. Door de forse golfslag, die nog doorstaat, komen we niet meer vooruit.
Er gaat een reef uit, maar dat helpt niet genoeg. Ondertussen is het ook nog
gaan miezeren. De psychologie doet zijn werk en de motor gaat erbij. We zien de
Kobbe achter ons tegen de wind in boksen, waarschijnlijk zonder motor, want ze
komt nauwelijks vooruit. Ondertussen trekt de wind aan, uiteindelijk tot 25
knopen ware wind. Ik rol de fok in. Omdat we nabij Dartmouth zijn, gaan we niet
meer reven, maar eigenlijk voeren we teveel zeil. Om acht uur ’s avonds meren
we af in Darthaven Marina in Kingswear, tegenover Dartmouth, na een vermoeiende
tocht van ongeveer elf uur hoog aan de
wind zeilen. Uiteindelijk hebben we 70 mijl
gevaren in plaats van de geplande 55. Na het eten en vallen de oogjes al
heel snel dicht.
20 mei: Naar Dartmouth Castle
 |
| Gezicht op de River Dart, met op de achtergrond het Royal Naval College |
Na de tocht van gisteren slapen we lekker uit en ontbijten
op ons gemakje. Omdat straks er een groep van een regatta aankomt, krijgen we
een ander plekje. Tegen twaalven kentert de stroom en verhuizen we. Vorig jaar
ging het hier iets minder goed, omdat we de stroming niet hadden onderkend en
die spanning komt weer boven. Er staat nu behoorlijk wat wind, maar alles gaat
netjes.
De stoomtrein van Paignton naar Kingswear heeft zijn
eindstation naast de haven. Af en toe hoor je hem fluiten en ruik je de vette
kolenwalm.
 |
| Het pondje naar Dartmouth |
’s Middags steken we vanuit Kingswear met het pondje over
naar Dartmouth. Via Bayards Cove wandelen we het coastal path naar Dartmouth
Castle. Het kasteel is als verdedigingswerk gebouwd en nooit als woonhuis
gebruikt. Van de 14e eeuw tot in de 19e eeuw is het in
gebruik geweest, onder andere tegen invallen van de Noormannen en later de
Fransen.
We lopen terug via het stadje om boodschappen te doen en
nemen het voetgangerspondje vanuit het centrum naar Kingswear. Net voor de
regen kruipen we weer in ons warme bootje.
 |
| Dartmouth Castle |
 |
| Detail van een regenpijp |
21 mei: In de regen naar Coleton Fishacre
Vandaag worden we alweer niet al te vroeg wakker. Het lijkt
wel dat we of fikse tochten maken, of behoorlijk lui zijn. Net als topsporters,
hoewel we ons daar niet mee willen vergelijken. Misschien komt het doordat het
vannacht behoorlijk hard heeft gewaaid, met de daarbij behorende onrust vanwege
golfslag en geluiden.
 |
| Coleton Fishacre |
 |
| Interieur, eetkamer in notenhout |
Het is regenachtig weer, dat niet uitnodigt om naar buiten
te gaan, maar van een hele dag binnen zitten wordt je ook maar chagrijnig. Dus
smeren we boterhammetjes en pakken de rugzak in, trekken we wandelschoenen en
regenpakken aan. Ons doel wordt een landhuis met een mooie tuin een stukje
verderop, richting Brixham, Coleton Fishacre geheten.
Vlakbij de haven is een bushalte en het eerste stukje nemen
we de bus. Al gauw zegt de chauffeur dat we eruit moeten. Dan is het nog een
stuk verder lopen dan gedacht. We zijn gelukkig goed gekleed. Het is een huis
van de National Trust, de concurrent van
English Heritage. Ook hier worden we lid.
Waarschijnlijk halen we het er wel
uit en anders is het een bijdrage aan een goed doel.
 |
| De bibliotheek |
Het huis is in 1926 gebouwd door Rupert d’Oyly Carte en zijn
vrouw Lady Dorothy als buitenverblijf, naast hun huis in Londen. Hij was
erfgenaam en magnaat van twee Londense hotels en van het Savoy Opera House,
waar het componistenduo Gilbert en Sullivan furore maakten. Het huis is gebouwd
in de toen gangbare Arts and Crafts stijl, die eenvoud en natuurlijkheid
uitstraalt. De natuursteen komt uit een kleine groeve die speciaal is gemaakt
op het terrein zelf. De inrichting is Art Deco en Art Nouveau en doet heel
huiselijk aan. Heel anders dan de kastelen en paleizen die we tot nu toe hebben
gezien. Als we het huis binnenkomen, speelt in de salon een oudere heer op de
vleugel muziek uit de dertiger jaren. Zie het linkje
 |
| Detail van de kaart boven de haard |
 |
| Tuinman Martin vertelt enthousiast |
Onder begeleiding van tuinman Martin maken we een wandeling door de werkelijk adembenemende tuinen. Martin vertelt enthousiast terwijl de regen inmiddels met bakken uit de hemel komt. Er zijn acht afzonderlijke tuinen met elk een eigen seizoen en kleurenschema, mooie vijvers en een charmant stroom met watervallen.
Gesterkt door koffie en cake wandelen we via het public
footpath binnendoor terug naar Kingswear.
 |
| Tuin met stroom met niveauverschillen |
 |
| Lekker wandelen in de regen ... |
 |
| ... over glibberige paadjes, ... |
Ondanks de regen, die van geen ophouden weet, genieten we van de mooie ‘countryside’.
Weer aan boord bereiden we ons voor op de tocht van morgen. We willen naar Fowey (klinkt als boy of toy).
 |
| .... genietend van het uitzicht |
Aj, spannend met de mortieren die om je oren vliegen. Volgende keer met een vliegdekschip gaan?
BeantwoordenVerwijderenGoede voortzetting van de reis!
willem-peter
hoi Reneé en Jan-Willem,
BeantwoordenVerwijderenik heb net 'even' alles gelezen van jullie rondje Engeland tot nu toe, hartstikke leuk om te volgen! Ook leuk voor mij en Kees om over Kobbe te lezen...fijn dat die schietoefening op zee Kobbe en Iskander niet heeft geraakt! De oplossing van de fok inrollen door rondjes te varen vind ik trouwens superslim.
Kees en ik zijn net weer thuis van een deel van de aanbrengtocht van de Rhapsody in Blue (B37) met de eigenaren op weg naar de botenshow in Neustadt. We mochten mee tot Nordeney en zijn daar afgelost door Lars.
Ik ga jullie blog nu volgen en meegenieten van wat jullie allemaal zien en meemaken.
Veel plezier en goede vaart!