Posts tonen met het label voorbereiding. Alle posts tonen
Posts tonen met het label voorbereiding. Alle posts tonen

dinsdag 18 juni 2019

30 mei t/m 7 juni 2019: Naar Londen: driemaal is scheepsrecht

Ik weet niet wat leuker is, de voorpret of de tocht zelf, maar het is een feit dat ik me al weken verheug op onze tocht naar Londen met Toerzeilers Uiterton.
Jan Willem heeft het nautische deel voorbereid, met mooie stroomschemaatjes voor verschillende posities op de Noordzee en het Princess Channel. Hij heeft er een slim Excelletje voor ontwikkeld. Ik heb me om de foerage bekommerd. We krijgen een vegetarische opstapper aan boord, dus heb ik een aantal recepten opgezocht en een boodschappenlijst gemaakt, die Jan Willem inkoopt. We zullende de komende dagen een overdaad aan groenten eten.

30 mei: Naar IJmuiden

Vuurtorentje bij Andijk
Het is Hemelvaartsdag. Omdat we 's middags rond zessen in IJmuiden willen zijn, hebben we gepland om rond zeven uur af te varen. Het wordt iets later, maar gelukkig werken alle sluizen op de route mee. De wind is zuidwest en we zeilen daarom zuidwaarts om vervolgens de vaargeul naar Amsterdam te motoren.
Op het Noordzeekanaal bij Amsterdam
Onderweg Appen we met Raoul, onze opstapper. We hebben afgesproken dat hij in de Marina Amsterdam zal opstappen. Als we daar aankomen vinden we een vrije steiger waar we hem rustig opwachten. Maar dan hebben we buiten de havenmeester gerekend. Deze komt boos op ons af waarom we daar liggen. Iemand laten opstappen is een service die de Marina Amsterdam niet biedt en of we maar onmiddellijk willen vertrekken. De toon is hoogst onplezierig. Waar Raoul dan moet aan boord moet stappen is niet zijn probleem. Ondertussen zien we Raoul achter het hek aankomen. Heel vervelend allemaal. We bellen met Raoul en spreken af voor een koffie bij Loetje, de havenkroeg, zodat we daar even legaal mogen liggen. Raoul staat inmiddels op de steiger. Bij de aanlegmanoeuvre speelt de wind ons parten en komt de havenmeester alweer op hoge poten aangebeend. Raoul springt aan boord. Dan maar even geen koffie, want we hebben geen zin in nog een discussie met die gast. Even later, als we op het IJ zijn, vertelt hij ons over de marifoon dat hij zeer teleurgesteld is in ons soort mensen. Die teleurstelling is geheel wederzijds.
's Avond is er palaver op de Iskander. Jan Willem is groepsleider. De bemanningen van de Vesper, de FanFare, de ModusVivendi stappen aan boord. We moeten rekenen met zo'n acht uur extra vaartijd vanwege de zuidwestenwind. Omdat hoog aan de wind zeilen bij tegenstroom ruig kan zijn, wijst Jan Willem op de mogelijkheid on bij te liggen, bijvoorbeeld tijdens het koken. En hij maakt indruk met zijn stroomschema's.
Een deel van de spreadsheet met stroomvensters


31 mei en 1 juni: De Oversteek

Jacobsladders bij vertrek uit IJmuiden
Opstapper Raoul ruimt de landvasten op
We vertrekken 's ochtends om zeven uur met een grote stapel gesmeerde boterhammen in de koelbox. Er staat een mooie wind, alleen uit de verkeerde hoek. Uiteindelijk zullen we het grootste deel hoog aan de wind kruisen. Met het zonnetje erbij is dat geen straf. Slechts acht uur staat de motor bij op de tocht naar Queenborough.
Raoul is een gezellige opstapper met een bijzonder gevoel van humor en uit op wat actie.
Zo ziet het windmolenpark op de plotter met radar eruit.
We zijn er zojuist doorheen gevaren.

Zo'n windmolen is behoorlijk indrukwekkend
als je er vlak langs vaart
Sinds dit jaar mogen we onder voorwaarden door een windmolenpark varen, en dat gaan we doen ook, vindt Raoul. En Jan Willem laat zich overtuigen.

Jan Willem probeert zijn sextant uit en schiet een zonnetje. Het resultaat is nog niet helemaal zoals gewenst. Nog even verder oefenen dus.
Zonsondergang



's Avonds op de eerste dag trekt de wind aan tijdens het koken. We stuiteren over de golven. Via het marifoonrondje van de andere Toerzeilergroep horen we dat op de Vischjager de eieren door de kajuit vliegen. Ik maak met veel kunst en vliegwerk een stamppotje met aardappelpuree, tuinbonen, walnoten, tijm en geitenkaas, terwijl de mannen ondertussen drie keer overstag gaan, langs de rand van een windmolenpark. Dat blijkt teveel te zijn voor mijn maag. Ik weet de maaltijd nog te serveren, maar na zelf twee happen genomen te hebben, moet ik de reling opzoeken. Daarna gaan we een tijdje bijliggen om rustig te kunnen eten en afwassen. Na het eten ga ik te kooi om rond middernacht de wacht van Jan Willem over te nemen. De nacht is er een met nieuwe maan en een fantastische sterrenhemel. Ik maak Raoul wakker om er samen van te genieten. En natuurlijk ook omdat het tijd is volgens het wachtschema. Eerst heeft het grootzeil nog twee reven, maar de wind neemt af en zodra het voldoende schemert halen we een reef eruit.
In Engelse wateren
Gennakeren op het Princess Channel

Luchtafweer op palen uit WO II bij het Princess Channel
De volgende dag is de wind gekrompen naar het zuiden als we op het Princess Channel varen. Het weer is heerlijk en met ruime wind wordt de gennaker gehesen. Als de wind nog verder krimpt gaan we melkmeisje varen, ook wel voor de wind of vlinderen genoemd. Omdat de stroom tegen staat kunnen we extra lang genieten van de prachtige avond! Om negen uur maken we vast aan de Modus Vivendi, die samen met de Vesper, al aan de mooring ligt in Queenborough. Aan boord van de Vesper kijken we met zijn allen naar de finale van de Champions League, die dit jaar helaas een Engels onderonsje is.
Aan de mooring bij Queenborough voor een getijdestop en een kort nachtje slapen.

2 juni: De Theems op naar St. Katherines Dock

Zeehonden aan de oever van de Theems
Zeilend varen  de Vischjager en
de FanFare de Theems op





















Ook vandaag moeten weer vroeg op: afvaart zeven uur 's ochtends. We kunnen een groot deel van de tocht zeilen, met af en toe wat motorhulp als een bocht niet bezeild is.

Voor de Theems Barrier strijken we de zeilen, want daar is motoren verplicht. Het is altijd weer genieten om te zien hoe de skyline van Londen zich langzaam ontvouwt, hoe het financial district in de verte opdoemt en je langs de indrukwekkende gebouwen van Greenwich komt, terwijl je de nulmeridiaan passeert.







De Thames Barrier in zicht



Gezicht op de Admiraliteit in Greenwich met een Thames barge op de voorgrond
We passeren de nulmeridiaan
En tenslotte, na de laatste bocht, vaar je recht op de Tower Bridge af. Dat is altijd weer kicken!

Voor de Tower bridge: bestemming bereikt!
In het lock van St. Kat's Dock


En dan moeten we nog ruim twee uur wachten voordat we de sluis van St. Katherines Dock in mogen varen. Eerst dobberend op een klotsende rivier waar de ferry's vlak langs je schip stuiven. Later zoeken we een mooring op voor wat meer rust.
Eenmaal binnen vinden we een plekje bij het overdekte platform, waar later een gezellige Uiterton steigerborrel plaatsvindt.

Trump is here!

3 t/m 5 juni: Trump is ook in Londen

Een stevig Engels ontbijt om de dag goed te beginnen

De Tower of London
De ochtenden laat Raoul zijn culinaire kant zien door ons te verrassen met een stevig ontbijt met eieren en spek. Hij is iets minder principieel vegetariër dan we eerst dachten. En hij houdt gelukkig van het goede leven. Overdag gaan we ieder ons weegs, maar niet nadat Raoul ons voorzien heeft van wat aardige tips over leuke dingen om te doen. Hij heeft indertijd zijn huisartsenspecialisatie in Londen gedaan en kent dus goed de weg.

103 Saluutschoten ter gelegenheid van het bezoek van President Trump aan Groot Brittannië:
62 voor Koningin Elisabeth II en 41 voor Donald Trump.
Rozen in Hyde Park
Spreeuwen in Hyde Park
Wij maken een mooie wandeling langs de zuidoever van de Theems, lunchen op Borough Market en nemen bij Westminster, waar de straten afgezet zijn in verband met het staatsbezoek van Donald Trump, de underground naar Hyde Park. Daar wandelen we het het park door naar Serpentine's Gallery, maar die is helaas op maandag dicht. Dan gaan we maar koffie drinken bij het theehuis. Slimme spreeuwen houden ons gezelschap, loerend naar iets lekkers.
's Avonds is er het gezamenlijk Uiterton-diner bij Zizzi. Met 70 deelnemers is het de gebruikelijke luidruchtige, maar gezellige chaos.

'No to Trump' op het Trafalgar Square
De tweede ochtend nemen we hartelijk afscheid van Raoul, die 's avonds naar huis zal vliegen. Hij verrast ons met een toepasselijk cadeautje: een boekje over de geschiedenis van de sextant.
Wij gaan naar Trafalgar Square, waar we in een anti-Trump demonstratie belanden. Het gaat er gemoedelijk aan toe. We krijgen er bij aankomst meteen een pamflet in de handen geduwd. Ons doel is echter de National Gallery, waar een tentoonstelling is van de Spaanse post-impressionist Joaquin Sorolla. Hij weet in zijn schilderijen een heel bijzonder licht van zonnig Zuid-Spanje te vangen.
Schilderijen van Joaquin Sorolla in the National Gallery
Majestueuze taart op de foodafdeling bij Harrods
Als we de tentoonstelling verlaten regent het en gaan we schuilen bij Harrods, om ons te vergapen aan jasjes van 5000 pond en horloges van 40.000 pond. En natuurlijk de prachtige foodafdelingen.




Uitzicht vanuit het café in Tate Modern op St. Pauls Cathedral

Groentestal op Borough Market

































De derde dag maken we ons weer op voor de terugreis, maar niet voordat we 's ochtends nog naar Tate Modern zijn geweest. Daar zien we veel geëngageerde kunst. Interessant, maar ik merk dat ik er ook erg moe van wordt om steeds met al het onrecht van de wereld te worden geconfronteerd.
Voordat we teruggaan naar de boot eten we nog een broodje op Borough Market en kopen we een potje basilicum voor aan boord van onze laatste penny's.





5 en 6 juni: Klopgeest of verstekeling?

In de sluis, klaar voor vertrek
Terug in de haven horen we dat de planning voor de eerste schutting naar de Theems een half uur is vervroegd, hetgeen betekent dat we haast moeten maken. Na het eten op het Princess Channel gaan we wachtlopen. Het eerste deel van de tocht varen we de wind dood en moet de motor aan, maar later neemt de wind toe. De wind is weer zuidwest, net als op de heenweg. We gaan het traject afkruisen in lange rakken.

De klopgeest komt boven achter het schip
Jan Willem toont de vangst, die we met moeite hebben binnengehaald


Krioelende beestjes blijven achter op het achterdek,
als het wier weer over boord is gezet

















Als Jan Willem de volgende middag naar het toilet gaat hoor ik opeens onregelmatig gebonk onder in het achterschip. Toktok, tok, toktoktok... Achter het toilet zit onze bergruimte. Wat is hij daar toch aan het doen? Als hij weer boven komt gaat het geklop nog steeds door. We worden voor een raadsel gesteld. JW gaat binnen poolshoogte nemen. Een verstekeling verwachten we eerder op weg naar Engeland toe, misschien is het een spijtoptant.
Dan houdt het kloppen op, even plotseling als het begon. Even later komt de oplossing van het raadsel achter het schip bovendrijven in de vorm van een visjoon aan een lange lijn. Als we de lijn binnenhalen, zit er aan de andere kant een grote tros wier. Gelukkig zit het spul niet in de schroef. We halen de snelheid uit het schip, zodat we de joon binnen kunnen halen en snijden de lijnen eraf. Daarna gooien we het wier en de joon, die te groot en te zwaar is om mee te nemen, weer terug in zee. Zonder lijn kan dat verder geen kwaad. De lijn gaat in een plastic zak onder het achterbankje, om in de haven af te voeren. Op het achterbankje krioelt het van de 'prehistorische' beestjes.

's Avonds om  twaalf uur leggen we aan in IJmuiden. Robert Möring staat op de steiger om ons lijntje aan te nemen. We gaan snel slapen. Morgen willen we vroeg vertrekken naar Andijk omdat er eind van de middag zware buien worden verwacht.

7 juni: Slecht weer op komst

Een stijve bries op het IJsselmeer....

.... bezorgt ons een mooie snelheid op het Markermeer
Om vijf uur 's-ochtends varen we af, vanwege de waarschuwingen voor zware windstoten in de middag. De sluizen zitten net als op de heenweg mee en daarom zijn we te vroeg bij de Schellingwouder brug. We gaan er om 9 uur door met de eerste opening na de spits.
En dan zeilen we met aantrekkende wind terug naar Andijk. Het gaat steeds harder. Na Enkhuizen halen we alleen op de fok nog steeds een snelheid van 6,5 knoop! Inmiddels waait het zo'n 22 knopen.
We discussiëren over hoe we het schip met deze dwarswind zonder brokken in de box krijgen. Maar we boffen. In de haven zakt de wind in. Snel maken we dankbaar van de gelegenheid gebruik om het schip tussen de palen te leggen. De bui  komt later die avond. Het rommelt wat, maar de windstoten van 50 knopen blijven uit.
Als we de volgende dag de boot opruimen waait het lekker door. Op de windmeter zien we windkracht 7 met uitschieters tot 38 knopen. Fijn dat we binnen liggen.
Statistieken van Jan Willem: de totale trip was 515 Nm met 98 vaaruren, waarvan 45 motoruren.







donderdag 14 juli 2016

4 t/m 10 juli: Van Kerrera naar Rona

4 juli: Een mooi tochtje motoren

Kasteeltoren aan de sound,  noord van Oban
We vervolgen vandaag onze tocht naar Tobermory, een plaatsje aan de noordzijde van het eiland Mull. Rechtstreeks is de afstand 24 zeemijlen. We hebben echter bedacht dat omvaren rondom het eiland Lismore een leuk alternatief is. Dat eiland ligt ten noorden van Kerrera en je passeert de zuidzijde ervan op weg naar de Sound of Mull. Lismore is een smal, langgerekt eiland dat zuidwest-noordoost ligt. Als je op het juiste moment vertrekt, heb je het hele traject de stroom mee.
De markante Connelbrug
Om kwart over elf varen we af. Hoewel er heel weinig wind staat hijsen we het grootzeil, maar de motor zal de hele tocht het grootste werk moeten doen. Eerst varen we langs de kasteeltoren, ten noorden van Oban gelegen
Het traject loopt naar het noorden door de Lynn of Lorn, aan de oostzijde van Lismore. Inderdaad staat de stroom al direct een halve knoop mee. Dat loop op naar twee knopen in het noorden van de Lynn of Lorn,waar het smal wordt en je tussen de eilanden en langs Appin Point gaat. Er valt genoeg te zien langs de route, onder andere de Connelbrug.

Het romantische Castle Stalker uit de zestiende eeuw

We varen nog wat verder door, om Castle Stalker te zien, een kasteel bekend van briefkaarten, stoer en romantisch, bij hoog water omringd door de zee. Alleen is dat niet het geval als wij er langs komen. Maar het blijft een prachtig kasteel.
Zeehonden en ganzen 

Steengroeve op het Morvern schiereiland
Ten noorden van Lismore ligt een klein eilandje met een heleboel zeehonden erop, die er al een tijdje liggen te zonnen. De jongen zijn helemaal donzig. Voorzichtig naderen we het eiland om foto’s te maken. Dit zijn de momenten waar we het voor doen!
Meer dan 200 meter diep, niet te geloven!
We gaan langs de westzijde van Lismore zuidwaarts door de Lynn of Morvern. Op het schiereiland Morvern is een grote groeve gelegen. Een eindje verder houdt de dieptemeter er mee op, maar even later doet hij het weer. Op het diepste punt is het water meer dan 200 meter diep. Dan draaien we de Sound of Mull in richting Tobermory, een schattig plaatsje met vrolijk gekleurde huizen langs de kade waar we rond half zes afmeren na een mooi tochtje motoren.
 
Een hapje couscous voor de lekkere trek

De gekleurde huizen van Tobermory

5 juli: Mendelsohn op Mull

Ook hier een whiskydistilleerderij
De dag gaat op aan huishoudelijke zaken en een wandeling door Tobermory.We kopen heerlijke fudge met whisky.
Deze week heeft op Mull het Mendelsohn Festival plaats. Mendelsohn heeft in 1829 een tijd op de Hebriden doorgebracht. Elke dag zijn er op verschillende locaties concerten door jonge professionals die hiermee uitvoeringservaring op kunnen doen. Om half acht ’s avonds is er een concert in het kerkje op de heuvel. Daar gaan we naar toe. We genieten van een mooi programma van kamermuziek van Schubert, Mendelsohn en Brahms. Dit zijn toch de krenten in de pap van zo’n reis. Vlak voordat het concert begint schuiven Margriet en Cees in onze bank. Zij zijn eind van de middag met hun Polyander aangekomen. Na het concert gaan we samen naar de pub om te genieten van een Tobermory whisky of een kop thee.
 
Gezicht op de jachthaven 

6 juli: Hoe een verregende dag toch een topdag wordt

Papegaaiduikers kijken in de stromende regen
Het beloofd een regenachtige dag te worden. Al we rond  half tien aan het ontbijt zitten is het nog droog, en klopt Cees van de Polyander op onze boot. Of we mee gaan met de rondvaartboot om puffins te kijken en naar Staffa, vertrek tien uur. Nou dat willen we wel, dus snel boterhammen smeren, tas pakken, wandelschoenen en zeilkleding aan. En dan horen we dat de boot nog een kwartier eerder vertrekt. Maar het lukt.
Met zestien knopen stuift de catamaran over de golven richting Lunga, een van de Treshnish Isles.
De boot meert af aan een drijvend ponton en neemt het mee naar de wal.
De boot meert af aan een drijvend ponton en vaart met ponton en al naar de kust om ons af te zetten. Op het eiland gaat de wandeling over grote keien en een glad modderpaadje omhoog. Daar zitten de papegaaiduikers met honderden op het vlakke stuk aan de rand van de klif. Ze zijn in het geheel niet schuw. Ze nestelen in holen in de grond, aan de rand van de klif is een compleet gangenstelsel ontstaan. Het zijn heel aandoenlijke vogeltjes. We raken niet uitgekeken, en ondertussen komt de regen met bakken uit de hemel. Dat is lastig foto’s maken.
Papegaaiduikers nestelen in holen boven op de kliffen (filmpje)
De basaltkolommen van de Collonade ondersteunen de rotsformaties
Wij hebben gelukkig regenbroeken meegenomen, maar Magriet en Cees hebben doorweekte broeken.
Dan moeten we weer terug  naar de boot, want onze volgende bestemming wacht, Staffa! De zee wordt ruwer en de boot klapt hard op de golven, maar de stuurman heeft daar weinig last van, want die zit op een geveerde stoel.
En dan ligt daar Staffa, de overkant van de Giant Causeway, die we in Noord-Ierland hebben gezien. Hexagonale basaltkolommen ondersteunen de kliffen, vormen een soort pad dat in zee loopt en op een plek is er zelfs een grot, Fingal's Cave genaamd. Fingal is een Schotse reus, de tegenhanger van Fin MacCool bij de Noord-Ierse Giant Causeway. De klim naar de grot gaat over een smalle richel. De rotsen zijn glad van de regen en het is allemaal behoorlijk link wanneer mensen elkaar in tegengestelde richting willen passeren. Je snapt niet dat er niet meer ongelukken gebeuren.  Maar indrukwekkend is het zeker!
Fingal's Cave





We maken nog een wandeling boven over het eiland waar vooral gras is met opvallend weinig vogels.  En dan gaan we weer aan boord en terug richting Tobermory. Helaas komen de beloofde dolfijnen en walvissen niet in beeld. Ondanks dat en de regen was het toch een bijzondere ervaring. Aan boord hangen we alle natte spullen te drogen.
Voor vannacht wordt windkracht acht voorspeld. We zijn benieuwd hoe rustig we slapen. Om de wind op de kop te houden draaien we de Iskander om aan de steiger.
 
Uitzicht vanaf de klif op de basaltkolommen


7 juli: Naar Mallaig op het schiereiland Morvern

De WIND SURF, het grootste zeilschip ter wereld
De beloofde windkracht acht is vannacht uitgebleven. Voor vandaag is de weersvoorspelling zuidwest vijf tot zeven beaufort. Omdat voor onze bestemming de wind ruim invalt en we verder willen  wagen we het er op. De afstand naar Mallaig is zo’n 30 zeemijl.
Ik probeer ’s ochtends in Tobermory nog een blogbericht klaar te maken voor publicatie, maar de WIFI-verbinding is beroerd dus ik geef het op. Dan snel klaarmaken voor vertrek, thee zetten en boterhammen smeren, soep onder  handbereik. Warme kleren en zeilpakken aan.
Als we om half twaalf afvaren ligt voor de haven van Tobermory de ‘Wind Surf’, het grootste zeilschip ter wereld, althans dat is het gerucht.
De vuurtoren van Rubha nan Gall













We hijsen het grootzeil in de haven en steken met het oog op de weerverwachting meteen een reef. In de sound of Mull waait het nog niet zo hard, zo’n 15 knopen.  Al gauw begint het te regenen en dat blijft de hele tocht zo. Als we bijna op open water zijn steken we uit voorzorg een tweede reef en dat blijkt een goede beslissing. De wind trekt aan tot ruim boven de 20 knopen en omdat het water relatief vlak is gaat het als een speer met een knik in de schoot. Verder op zee neemt de golfhoogte toe. Af en toe maakt de  Iskander een flinke schuiver.
Mallaig vanaf het water
Als het weerbericht wordt voorgelezen vragen we ons af of dit zeetje ‘moderate’ of ‘rough’ is. Langzaam maar zeker wordt de koers steeds ruimer en wordt het tijd om het grootzeil te strijken en alleen op de fok verder te gaan. Dat gaat nog steeds met een snelheid van zo’n 6 knopen door het water en een stuk meer relaxt.
Ruim om de kaap van Ardnamurchan en tussen de banken door
Ondertussen is alles grauw en grijs. Het zicht is matig en het blijft het regenen. De camera gaat naar binnen en de luiken gaan in de kajuitingang om het met deze achterlijke wind binnen droog te houden.
We varen een omweg om uit de kust te blijven bij de kaap van Ardnamurchan en enkele ondiepten te mijden, waar mogelijk nare zeeën staan. Ondiepte is hier een relatief begrip: het is er 15 à 20 meter diep in plaats van 60 tot 100.
Op het allerlaatst trekt de wind nog even aan tot 27 knopen, net geen 7 beaufort. De Iskander loopt als een tierelier.
In de haven krijgen we het allerlaatste plekje aan de steiger, tussen twee jachten ingeperst. Het heeft ook voordelen als je niet zo’n breed schip hebt! Snel opruimen en naar binnen om op te drogen.

8 juli: Dagje Mallaig

Vissersboten in de haven van Mallaig
Het wordt een dagje vol huishoudelijke zaken. De WIFI is hier OK, dus werk ik aan het blog, want vandaag wil ik wel weer een bericht publiceren. Jan Willem doet de filmpjes.
De Iskander mag wel weer eens gepoetst worden, van binnen en van buiten. Het huishouden gaat immers gewoon door. 
En ik krijg van mijn leidinggevende Inge een mailtje over de ontwikkelingen bij de Belastingdienst, waar een reorganisatie gaande is. Ik moet er even over nadenken wat dat voor mij kan betekenen. 
Zo zijn we af en toe ook met dagelijkse dingen bezig.
Een allegaartje aan vistuig











’s Middag maken we een wandeling door het dorp. Het is een vissersplaatsje met een behoorlijk grote vloot en een aantal visverwerkende bedrijven. Bij vissersboten is het altijd wel rommelig, maar zo'n bende als het hier is zie je maar zelden.
Voor het eerst sinds lang vinden we een viswinkel. Deze is onderdeel van een visbedrijf. Verser kun je het niet krijgen. We kopen acht coquilles en twee zalmforelfilets.
Muurschildering bij de haven

De coquilles St. Jacques smaken voortreffelijk!

Ik maak de coquilles klaar voor het avondeten. In de ene pan stoof ik een brunoise van courgette en paprika in olijfolie. In de andere pan worden de coquilles gebakken in de boter. Ik houd de couquilles warm, terwijl ik van het restvocht een saus maak met Prosecco, room en een vleugje kerrie. Succes verzekerd. Eet smakelijk!

De zalmforel is voor morgen.


’s Avonds buigen Jan Willem en Wim (van de Kwinte) zich over de planning voor de komende dagen.








9 juli: Van Mallaig naar Kyle Lochalsh

Schots weer op weg naar Kyle Lochalsh
De afstand is slechts 20 mijl, toch varen we al voor achten af om de stroom mee te hebben in de Sound of Sleat en verderop bij Kyle Rhea, waar het vaarwater veel smaller wordt. Er staat nauwelijks wind. Even denken we toch te kunnen zeilen als de wind aantrekt. Dat wordt veroorzaakt door wind die uit Loch Nevis komt en is snel weer voorbij. Het zeil kan naar beneden en van zeilen komt het vandaag niet meer. Het is de hele tijd druilerig en dat is jammer want de kusten zijn ook hier erg mooi en dat komt met dit weer niet uit de verf. Onderweg zien we veel zeehonden. Ze willen alleen niet op de foto.
Geen wind bij Kyle Rhea, maar het stroomt er wel zo'n 4 knopen
Zeehonden op een rots vlak voor Loachalsh
In eerste instantie was onze bestemming KyleAkin op het eiland Skye, aan de  zuidzijde van de Skyebrug, maar Wim (van de Kwinte), die voor ons vaart heeft de indruk dat daar alleen visssers liggen en aan de noordzijde zijn wel plezierjachten afgemeerd, dus stelt hij voor om daarheen te gaan. Ook goed, we volgen wel naar Kyle Lochalsh. Deze haven is niet erg beschut. De steiger van Kyle of Lochalsh ligt open naar het noordwesten en dat zullen we weten.
Er zijn heel veel kwallen






Op de steiger staan heel veel behulpzame lieden, en dat geeft de nodige verwarring, maar uiteindelijk liggen we zonder kleerscheuren afgemeerd. Britten hebben de neiging om de lijn die ze van je aannemen direct op de bolder op de steiger te beleggen. Wij houden daar niet van. We willen liever de lijn om de bolder en direct terug, zodat je controle houdt, omdat je de lijn kan vieren of aanhalen.
Wandelen op Skye, aan de overkant van de 29 meter hoge Skye Bridge

Prachtig bos met veel mos onder de bomen
‘s Middags maken we een wandeling aan de andere kant van de Skye bridge, die het vasteland van Schotland met het eiland Skye verbindt. Het wordt een wandeling in de regen. Daarbij is het tamelijk warm en moeten we behoorlijk wat klimmen. Het is kiezen tussen nat van het zweet met regenpakken aan of nat van de regen zonder.
Rotsplantje dat feloranje bloeit met hele kleine bloemetjes 














Na het eten begint het opeens hard te waaien, eerst een knoop of 20 tot 25, later zelfs ruim boven de dertig knopen. Het jachthaventje krijgt de volle laag (zie filmpje). De steigers dansen op de golven en de boten steigeren mee. Schippers en bemanningen zijn druk in de weer om schade te voorkomen. Bij een aantal schepen die aan de lager wal liggen worden met vereende krachten autobanden tussen de boot en de steiger geperst. Jan Willem brengt overal dubbele lijnen aan. De rukken op de bolders zijn enorm. Blij dat we een Breehorn hebben. Nadat we ons ervan verzekerd hebben dat alles goed zit, kruipen we in bed, maar of er iets van slapen komt?
Om middernacht gaat de wind net zo plotseling liggen als hij is opgestoken en een kwartier later is ook de golfslag weg. We slapen heerlijk. 

10 juli: Hertenvlees op Rona

We vertrekken uit de tochtige haven van Kyle Lochalsh
Wim en Mieke blijven liever nog een dagje maar wij willen weg uit dit tochtgat waar verder niet veel te beleven is. Daarom scheiden onze wegen opnieuw. Ons doel is de beschutte, idyllische baai Acarseid Mhor bij het kleine eiland Rona.
Prachtige kleuren op de kust van het eiland Raasay
De doorgang tussen de eilanden Raasay en Rona

Een witte pijl op de rotsen wijst de weg
Bij vertrek waait het in de haven 15 knopen en het is wat druilerig. Voordat we de brug onderdoor gaan hijsen we de zeilen in de luwte van Skye met gelijk een reef erin, om voorbereid te zijn op wat komen gaat. De brug voorbij komt de wind echter niet boven de tien knopen uit, dus reef eruit. Het bevestigt ons vermoeden dan Lochalsh een tochtgat is.  Het wordt een heel rustig tochtje, naar het noordwesten, langs het eiland Raasay, richting Rona. We passeren de smalle doorgang tussen Raasay en Rona, en varen langs de westkust omhoog tot aan een witte pijl op de rotsen. Het lijkt Zweden wel!
Op het allerlaatste moment opent zich de doorgang naar de baai. Dat is altijd weer spannend om in te varen.

Op het laatste moment opent zich de doorgang naar de baai
De rotsen zijn behoorlijk dichtbij
Het is half vijf en er liggen een stuk of vijf zeiljachten verspreid over de baai. We zoeken een geschikte ankerplek op veilige afstand van de andere schepen, maar op de ene plek houdt het anker niet en op de andere zwaaien we te dicht langs de ondiepte. Dat ontdekken we door aan de achterzijde van het schip met een loodlijn de diepte te bepalen. Wat een gedoe! Er moet ook nog ergens een mooring zijn. Die blijkt gemarkeerd door een onopvallend klein boeitje, daaraan meren we nu af. 
Met de bijboot naar de wal








Met de bijboot gaan we naar de wal om bij Rona Lodge te betalen en te vragen hoeveel gewicht de mooring kan hebben.
Whiskey uit Edradour, speciaal voor Rona gemaakt
De eilandbeheerder Bill Cowie ontvangt ons allerhartelijkst: “40 ton kan eraan, dus jullie schip zeker!”  En of we nog behoefte hebben aan overheerlijk hertenvlees van het eiland. Hij opent zijn winkeltje voor ons en schenkt ons een Rona Whisky  in. Die komt niet van Rona, maar uit Edredour, een kleine distilleerderij uit de Highlands, maar hij is erg lekker en daar gaat het om. Zijn maat Hugh voegt zich bij ons en de glazen worden nog eens volgeschonken. Uiteindelijk vertrekken we met hertenbiefstuk, hertenburgers en een fles whisky op de pof, omdat we niet genoeg geld bij ons hebben. En met de belofte dat Bill de volgende dag prawns voor ons gaat vangen.
Helaas kunnen we morgen niet aan de mooring blijven liggen, want die is aan een ander beloofd, maar als de andere schepen weg zijn, is er genoeg plek om te ankeren.
Op de steiger ontmoeten we Maria en Hans, die hun boot net als wij in Andijk hebben liggen en nu hier in de baai geankerd zijn. Hoe klein kan de wereld zijn. Zij komen ’s avonds gezellig een kop koffie drinken. Hans is de zeiler van het stel. Maria houdt eigenlijk niet van zeilen, maar gaat toch altijd mee. Als dat geen echte liefde is…?