maandag 19 augustus 2013

Week 12 t/m 18 augustus: Van Stubbekøbing naar Cuxhaven

12 augustus – Reven en ontreven


 
Brug bij Farø
Via internet checken we het weer nog even voor vertrek. Er is een stormwaarschuwing voor de zuidelijke Oostzee. Daar zitten we niet, maar wel dicht erbij. We willen weer een stukje naar het westen opschuiven door naar Vejrø te gaan. Afvaart om half tien, staat in het logboek. En opnieuw is het zonnig. 
De Deense marine patrouilleert








Stevige buien kenmerken de tocht.
Dit is een prachtexemplaar!






Het eerste rak is over stuurboord. De brug bij Farø is nauwelijks bezeild. En weer krimpt de wind en is het stuk na de brug niet meer bezeild. We steken een tweede reef en zetten de kotter erop als de wind tot 23 knopen uit het zuidwesten oploopt. Het gaat er stevig tegenaan. Bij een flinke golf krijgen we massief water over tot tegen de buiskap. Dat hebben we nog niet eerder meegemaakt!
Het eiland Vejrø
We gaan rond half een ‘s middags overstag, over bakboord richting Lolland om de hogerwal op te zoeken. Een uurtje later volgt een bui met 26 knopen wind, bijna 7 Beaufort. En als ik dat schrijf bedoel ik niet een vlaag en ook niet over het dek (schijnbare wind), maar ware knopen! In de bui ruimt de wind met zo’n 40° en daarna draait hij weer terug.
Vuurtoren op Vejrø




Inmiddels is het drie uur en zitten we vlak voor Vejrø. We zien de haven al liggen. De wind zakt in tot 15 knopen en klaart het op. Het ziet er prachtig uit. Dus besluiten we om toch door te varen naar Spodsbjerg op Langeland, zo’n 20 mijl verder. We zetten de genua weer erop en halen een reef eruit. Maar dat blijkt voorbarig, want een kwartier later krijgen we de volgende bui over ons heen en moet het reef en weer in en de genua ingerold. De buien bouwen uit het niets razendsnel op tot grote zwarte wolken. Maar teruggaan doen we niet.


Het Duitse opleidingsschip
Gorch Fock passeert in de verte

Kruisend varen we naar Spodsbjerg. Het laatste stukje onder de hoger wal van Langeland zetten we de motor erbij om niet te laat aan te komen. Om half acht meren we af naast de ‘Marilena’ die er ook blijkt te liggen en trakteren onszelf op appelpannenkoeken, lekker en snel klaar. De afstand is 45 mijl, maar we hebben 58 mijl door het water afgelegd.

Prachtige regenboog, gezien vanuit
de haven van Spodsbjerg





Pieter en Aafke van de ‘Marilena’ komen ’s avond een borrel drinken en het wordt reuze gezellig! Pieter vertelt over hoe hij chartert en gasten mee opreis neemt. Hij heeft een mooie website: www.ychorizon.nl.














13 augustus – Van Spodsbjerg naar Kiel


Vertrek uit Spodsbjerg

De mooie kust van Langeland
Jan Willem heeft nog een kaart op de bus gedaan en de laatste Deense kronen opgemaakt in de supermarkt. Iets voor elven varen we af uit Spodsbjerg. Onder de hoge wal van Langeland is het water vlak en gaat het, zoals verwacht, als een tierelier. Wel zijn er de nodige buien met 20 tot 25 knopen, waardoor we veel met de zeilvoering bezig zijn.
Volop buien, met in de verte een zeiltje









De kunst is niet teveel zeil te hebben voor de snel opkomende buien, maar wel genoeg om door de golven te komen. Wat we doen is de kotter laten staan en als de wind het toelaat de genua erbij zetten.
Als we de zuidelijke kaap naderen nemen we wat afstand. We zitten niet te wachten op kaapeffecten zoals een fors aantrekkende wind. Maar ook iets verder uit de kust staat er een hoge, steile golfslag als we uit de luwte komen.




Vuurtoren op het zuidelijke puntje van Langeland

We zetten koers naar Laboe, een plaats aan het begin van de Kieler Förde.
We proberen tussen de buien door te laveren, maar krijgen toch nog een flinke bak wind mee. 20 tot 25 ware knopen aan de wind betekent 25 tot 30 knopen schijnbare wind en dat is veel. Onderweg maken we filmpjes, op verzoek van broertje Joep.
Fikse buien, waarin we verzeild raken
De koers op de plotter: eerst met een scherpe knik overstag
en daarna de winddraai tijdens de bui


Als we te dicht bij de diepvaarwaterroute, waar het druk is met beroepsvaart, komen gaan we overstag van bakboord naar stuurboord, recht op een bui af. We hopen dat hij achter ons langs gaat, maar strijken de genua uit voorzorg en ik zet de motor bij. En dat is maar goed ook want meteen zitten we er middenin. Het waait opeens 32 knopen ware wind, een hele dikke 7 Beaufort, de regen en hagel komt met bakken uit de hemel en slaat het water helemaal plat. Over de zee ligt een waas van water. Het onweert hevig, maar we zien geen bliksemflitsen. Ik heb dit nog nooit meegemaakt.
Er staat een stevige zee

Ik sta achter het roer. Jan Willem roept: “Ga een ruime koers varen!”. Dat lukt natuurlijk pas als we ook het zeil vieren, maar ik heb alle kracht nodig om het roer te houden. Bovendien draait de wind meer dan 120 graden. Op de plotter zie je dat we weer terug varen. Als de bui afneemt kan ik weer oploeven en kunnen we onze koers hervatten.
Monument voor "Hen die op zee gebleven zijn" bij Laboe en heel veel parasailers
Helaas hebben we geen tijd om hiervan een filmpje te maken. Het is overigens geweldig om te zien hoe betrouwbaar het schip zich gedraagt. Op dit soort momenten weet je waarom je een Breehorn hebt gekozen.






Op weg naar Kiel maken we nog enkele slagen om het verkeerscheidingsstelsel te ontwijken en we besluiten om in Kiel Düsternbrook, de oude Olympiahaven uit 1936, te gaan liggen en niet in Laboe, omdat die haven aan lagerwal ligt. Iets na half acht meren we af.




















14 augustus – Rustdag in Kiel


Engelse klassiekers in de miljonairshaven van Kiel Düsterbrook 
Vaart er zomaar een onderzeeër langs!
Na de enerverende dag van gisteren vandaag een dagje rustig aan. Jan Willem is naar de havenmeester geweest. Daar heeft hij gehoord dat de sluiswachters van het Kielerkanaal staken. Het is dus onzeker wanneer we erdoor kunnen. Ook vertelde de havenmeester dat er bij de sluis naar het Noord-Oostzeekanaal een goede winkel voor zeekaarten is. Hij heeft het plan opgevat om daar naartoe te lopen om nieuwe waddenzeekaarten te kopen. Dus gaan we vol goede moed aan de wandel. Het is een verder dan gedacht en helaas heb ik spierpijn in  mijn benen van het afzetten onder helling van de zeiltocht van gisteren, zodat de wandeling geen succes is.
We komen langs de marinehaven
Bij de winkel aangekomen hebben ze de gewenste kaart ook nog eens niet op voorraad. De stemming is inmiddels tot ver onder het nulpunt gedaald. Op de terugweg komen we een busstation tegen. De bus brengt ons gelukkig een stuk dichter bij de boot. We wandelen terug door een aardige stadswijk met lokale winkels en grote huizen.
Mooie huizen in de stad
’s Middags gaat Jan Willem naar het centrum van Kiel. Ik ga niet mee, want mijn benen hebben nu echt rust nodig.
’s Avonds nemen we samen de bus naar het centrum om een hapje in de stad te gaan eten. Het eten laat nogal op zich wachten en zo komt het dat we pas laat weer op de boot zijn.
Versiering boven het hoekraam



Voor het eerst zien we deze vakantie kwallen ...
..... in de haven van Kiel - Düsterbrook



15 augustus – het Noord-Oostzeekanaal


Oude vuurtoren bij Holtenau
Het wapen van Kaiser Wilhelm in de gevel















De fraai versierde deur van de vuurtoren





Iets na negenen verlaten we de haven op weg naar de sluis bij Holtenau, die toegang tot het Kielerkanaal geeft. Daar aangekomen horen we dat we moeten wachten op de Eems Skye, een vrachtschip dat eerst in de sluis mag. Daarna kunnen de jachten aansluiten. Op de AIS volgen we hoe het schip eraan komt. Later komt daar nog een ander vrachtschip bij en zo komt het dat we ruim een uur moeten wachten eer we de sluis in kunnen. Eenmaal in de sluis horen we dat de kassa niet open is en dat we daarom niet hoeven te betalen. Publieksvriendelijke actie noemen we dat in Nederland. Om elf uur komen we eindelijk de sluis uit.
In de sluis





We varen tussen de vrachtschepen door de sluis uit














Héééle grote schepen komen heel dicht langs

En dan het kanaal, wat zal ik er van zeggen? Eén keertje leuk. Helaas hebben we het al twee keer eerder gedaan, dus is het een kwestie van uitzitten. Om de beurt achter het roer opletten met de stuurautomaat erop. Zo saai! We kachelen door met een snelheid van bijna zeven knopen. Er is bijna geen verkeer. Zou dat nog het effect zijn van de stakingen?
Sein dat aangeeft of je door mag varen







Hangpondje onder de brug bij Rensburg















Zoooo saaaai ........


Deze huisjes staan bij elke uitwijkplaats

Om kwart over zes meren we af bij de dieselpomp in Brünsbüttel. Helaas is die maar tot zes uur open. Morgen een nieuwe poging. Even later leggen we aan langs een grote Jeanneau in de haven van Brünsbüttel, naast de sluis. De grote zeeschepen komen op nog geen twintig meter langs als ze uit de sluis komen. Alsof er een flatgebouw langskomt. Door de stakingen van de linesmen, de mannen die de landvasten van de grote scheen vastmaken, zijn dat er maar een paar.

Grote zeeschepen varen dicht langs
de jachthaven van Brünsbüttel


Jan Willem zit ’s-avonds druk te studeren op de weersverwachting en de kaarten. We willen verder maar het is balanceren wat haalbaar is en wat niet. Doorzeilen naar Borkum of Vlieland in plaats van naar Norderney zou kunnen. Vanwege het getij in de geulen naar de eilanden is de tijdsplanning belangrijk. Onduidelijkheid over het wel of niet bezeild zijn kunnen we dan niet hebben. Bovendien komt er over 2 dagen slecht weer aan. We besluiten om morgen alleen de 13 mijl naar Cuxhaven te varen en dan verder te zien. Vanuit Cuxhaven zijn er goede verbindingen met Nederland en je kunt je schip daar veilig achterlaten voor het geval we in tijdnood komen.
Jan Willem bestudeert de kaart van de Duitse Bocht

16 augustus – Van Brünsbüttel naar Cuxhaven


11 knopen over de grond op de Elbe 
Erg vroeg hoeven we niet weg, want de stroom gaat pas na tienen meelopen, dus doen we het vanochtend rustig aan. Naast ons ligt een grote Jeanneau 43 decksaloon, de ‘Everjoy’ uit Drimmelen. We raken aan de babbel met de bemanning, gezellige Brabanders die al tien jaar hier elke zomer drie maanden rondvaren, zoals zo velen die we op onze reis tegen zijn gekomen. En aan de oostkant van Zweden is mooi weer ’s zomers verzekerd, zegt iedereen. Daarvoor hoef je niet naar Zuid-Europa.

Zeehonden op een zandplaat voor Cuxhaven
Rond 11 uur varen we af en zoeken we de sluis op. We krijgen van de sluiswachter te horen dat we nog een half uur moeten wachten. De sluis is dicht en moet eerst openen naar de kant van de Elbe. Als de sluis voor ons open gaat, gaat er alleen nog een motorjachtje mee. Ongekend! 
Buiten gekomen staat er al stroom de Elbe af, die gedurende de tocht alleen nog maar doorzet, uiteindelijk hebben we zo’n vier knopen stroom mee en raken we af en toe een snelheid van elf knopen over de grond. We kruisen met een lange en een korte slag tegen een vlagerige wind in. Het is maar een klein stukje en iets na half drie meren we af in Cuxhaven, nadat we nog even getankt hebben, want dat is sinds Finland niet meer gebeurd.
’s Avonds kijk ik een film. Dat is ook al heel lang niet meer gebeurd.
De jachthaven van CSV Cuxhaven


17 en 18 augustus – Verwaaid in Cuxhaven


De vuurtoren van Cuxhaven
Het is zaterdag 17 augustus. De voorspellingen geven zuidwestenwind aan,de verkeerde richting dus. Bovendien wordt er harde wind verwacht vanaf zaterdagavond. Zondagavond neemt de wind af en draait hij naar het noordwesten. Dan zouden we maandag met halve wind in één keer naar Vlieland kunnen. Hoewel we graag naar Nederland willen, hebben we nog de tijd. En tegen harde wind in kruisen hebben we al genoeg gedaan. Dus blijven we tot maandag hier. We slapen uit, lezen, werken het blog bij en doen boodschappen in een veel te dure biologische supermarkt.

Mooie BMW
Later komen we er achter dat een eindje verder een hele grote gewone supermarkt ligt.
’s Middags fietsen we nog een rondje door het stadje en maken wat foto’s.
Oude auto's op het plein











Het lichtschip de 'Elbe' ligt in de haven

Zondag worden we wakker met flinke windvlagen en motregen. De eerste echte regendag in drie en een halve maand. Dus geen reden voor veel activiteit. Eerst een lekker zondagochtendontbijtje en dan een beetje lezen, beetje bloggen en de tocht van morgen voorbereiden.

Verkeerstoren voor de Elbemonding




















Antieke semafoor, die bijna 100 jaar, van 1883 tot 1982, de windsterkte en -richting op Borkum
en Helgoland aangaf, voor de uitgaande scheepvaart








1 opmerking:

  1. Hallo Renée en Jan Willem,

    Renée, we zijn trots op je! :) Respect voor het zo goed bijhouden van jullie blog. En ik vind het erg knap hoe je die foto's toch goed hebt gekregen! Ik doe het je niet na.

    Ik ga me nog even verder verdiepen in jullie reis.

    Hartelijke groet,
    Ger & Henk (sy Markiezin)

    BeantwoordenVerwijderen