 |
| Vertrek uit Gdansk |
 |
| Een laatste blik op de Krantor |
Direct na het ontbijt ga ik aan het bloggen, want hier
hebben we internet en je weet niet wat een volgende haven biedt. Het afmaken
van een nieuw bericht kost altijd meer tijd dan je denkt. Vooral het goed
krijgen van de lay-out is lastig. Het ziet er in de weergave op internet net
iets anders uit en dat betekent dat ik steeds weer het resultaat van aanpassingen
moet controleren. Ook komt en nog een Nederlands stel langs, Frans en Jet, die
ons schip wel eens van binnen willen zien. Zij hebben hun schip, de Markant,
afgelopen winter in Zweden laten liggen en zijn nu op weg naar Nederland. Zo
komt het dat we pas om vier uur ’s
middags uit Gdansk vertrekken.
 |
| De werf waar de opstand van Solidarnosc begon |
Het eerste stuk varen we de rivieren Motlawa en Wisla af.
Bijna aan het eind zien we hoe een enorm vrachtschip, waarschijnlijk een
autoschip, met vijf (!) sleepboten de rivier op gemanoeuvreerd wordt.
Eenmaal op open water hijsen we de zeilen. Er staat niet
veel wind en bovendien precies uit de verkeerde hoek, maar we zeilen. In de
stralende zon maken we de eerste slag richting Gdynia. Het begint met een
gangetje van zo’n 6 knopen, maar ik heb moeite om de vaart erin te houden, want
de golfslag is kort en bokkig. Ik heb ergens gelezen dan dat kenmerkend is voor
de golf van Gdansk.
 |
| Een vrachtschip gaat met sleepboten naar de haven |
Na nog geen uur gaan we overstag richting open zee.
Vervolgens zakt de wind compleet in en moet de motor aan. Helaas gaat die tot
aan Klaipéda niet meer uit, want de wind komt de rest van de tocht niet meer
boven de zes knopen uit. Wat begon met het idealisme van een echte zeildag,
smoort dus al gauw in windstilte.
Na het avondeten, - pasta met kaassaus, knakworst en wilde spinazie
-, gaan we zoals gebruikelijk wachten lopen.
 |
| Zonsondergang |
 |
| Omvaren om uit de Russische wateren te blijven |
De Iskander doet het best aardig als motorboot. Een deel van
de tijd is het water een spiegel, maar er staat een lange deining, waardoor het
schip behoorlijk rolt. Dat slaapt niet zo lekker en na mijn rustperiode heb ik last van mijn rechter
knieband.
 |
| Binnen een straal van vier mijl geen schip te bekennen |
Van Polen naar Litouwen, moet je om territoriale wateren van
de Russische enclave Kalinigrad varen. Er gaan verhalen dat de Russen bijzonder
vervelend kunnen zijn, als je je daar niet aan houdt. Dat betekent dat we een
waypoint zetten zo’n
15 mijl
uit de kust bij Taran, waar het land het verst naar buiten steekt.
Langs de territoriale grens varen we ‘s nachts langs een
hele rij verlichte tonnen. Als we rond half vier ‘s ochtends het verste punt
passeren, ligt in de buurt een schip, waarschijnlijk een Russisch marineschip
dat indringers moet weren.
 |
| Het ochtendgloren |
De tocht wordt gekenmerkt door leegte. Is er bij Gdansk nog
scheepvaart, na uur of twee houdt dat op. Een uur later zien we ook geen
joontjes van vissers meer. Tot voor Klaipéda zien we één cruiseschip en in het
donker een paar lichtjes van vissers, die waarschijnlijk heel ver weg zijn.
Verder is er helemaal niets.
Het wordt hier ’s nachts niet meer echt donker. Aan de
horizon blijft er een lichtschijnsel zichtbaar, dat van het noordwesten via het
noorden naar het noordoosten schuift, totdat rond vieren de zon op komt.
 |
| De vlag van Litouwen gaat omhoog |
 |
| Achter de ferry aan de haven in |
 |
| Aalscholvers op de strekdam achter de havenhoofden |
In de ochtend komen er mistflarden opzetten. In de buurt van
Klaipéda horen we een misthoorn met regelmatige tussenpozen. Op de AIS kunnen
we zien dat die bij een grote tanker hoort, die vanuit het noordwesten op weg
is naar Klaipéda, maar we zien niets. Pas op minder dan een halve mijl zien we
de tanker uit de mist tevoorschijn komen. Gelukkig klaart het op als we bij
Klaipéda aankomen.
 |
| Gezicht op Klaipéda vanaf hetwater |
Achter een ferry varen we havenmonding in. Opeens horen we
getoeter. Op de wal aan stuurboord staan een paar mannen te toeteren en te
zwaaien dat we moeten komen. Ze zijn van de kustwacht en vragen onze gegevens
als we langs varen. Het ziet er allemaal nogal knullig uit. Een heel verschil
met de Duitsers.
Na even gewacht te hebben op de brugopening, meren we om
half vier af in de mooie kasteelhaven, dicht bij de stad. Het schip ligt in de
box vast in de blubber. Het lijkt wel
Woudsend! De haven is krap, maar met nette steigers die er nieuw uit zien. In
de vaarwijzer staat nog een ‘under construction’-foto. Ook hier weer Europees
geld.
De klok gaat een uur vooruit, want we gaan naar een andere
tijdzone: UTC + 3.
Voor het eten maken een korte avondwandeling door de stad.
 |
| Je ligt beschut in de kasteelhaven van Klaipéda |
We besluiten om aan het einde van de middag te vertrekken
naar Ventspils in Letland en de dag te gebruiken om de oude stad van Klaipéda
te zien. Het is lekker weer, warm en zonnig.
 |
| Het theater aan het theaterplein wordt gerenoveerd |
Klaipéda behoort ook tot het Hanzeverband en daar zijn hier
en daar nog wel sporen van te vinden in de vorm van oude pakhuizen. Verder zien
we dat de stad tussen 1880 en 1920 een bloeiperiode heeft gekend. Maar veel van
het moois ziet er behoorlijk onderkomen uit. Her en der zijn de huizen
uitgebroken, - als je door de ramen naar binnen kijkt, kijk je op de kale muren
-, maar lijkt het werk daarna te zijn gestopt.
Gelukkig wordt er ook aan
herstel gewerkt. Het monumentale theater staat in de steigers voor renovatie.
Op
het theaterplein staan allemaal stalletjes waar barnsteen wordt verkocht.
Barnsteen vindt je hier langs de hele kust, van Gdansk tot Ventspils.
 |
| Stalletje met barnsteen |
 |
| Rusland is dichtbij: koude bietensoep |
De straten zijn bestraat met kinderkoppen of grote keien. Om
toch nog fatsoenlijk te kunnen lopen zijn er in de trottoirs stroken met
betonplaten gelegd. Iedereen fietst hier op de stoep. Dat is even wennen.
 |
| Stoep met kinderkoppen en betonstroken |
 |
| Oude glorie |
En
als je moet oversteken kom je toch weer die keien tegen. Ik moet denken aan mijn zus, die in een
e-mail schrijf dat ze met mijn moeder een wandeling in een rolstoel heeft
gemaakt. Niet te doen hier!
En leuk element is dat er in de stad veel beelden zijn
geplaatst, vaak in kleine parkjes die je
overal tegenkomt.
 |
| Kleine kunstwerkjes : kat en .... |
 |
| ..... muis |
Dan is er nog de nieuwe stad met veel verkeersdrukte. Hoog
boven de stad torenen twee flats uit met wel
een heel bijzondere architectuur.
Het leuke is dat als je ze uit een andere hoek bekijkt het effect heel anders
is.
De jonge mensen zien er goed verzorgd de volgens de laatste
mode uit. De ouderen veelal wat traditioneler. Tot zover Klaipéda.
 |
| Bijzondere architectuur, maar nu vanuit land |
 |
| Zeilend langs de Litouwse kust |
’s Middags om vijf uur gaan we door de brug voor de tocht
naar Ventspils. Het is een afstand van 110 zeemijl, waar we volgens planning
zo’n 20 uur over gaan doen. We merken dat we steeds meer ingespeeld raken op
zulke lange tochten en het zelf prettig vinden. We besluiten dicht bij de kust
te gaan kruisen om van het zeewindeffect gebruik te kunnen maken. Het zeilt
rustig en heerlijk ontspannen, alleen misschien niet zo snel, maar dat nemen we
voor lief. Het gaat goed tot een uur of tien.
 |
| Zo ziet kustzeilen er op de plotter uit |
Daarna is de wind teveel
weggezakt en moet toch de motor aan. Verder gebeurt er weinig die nacht. Het
wordt hier op zee steeds leger.
Pas de volgende middag rond 12 uur staat er genoeg wind om
‘melkmeisje’ te gaan zeilen met de boom en de bulletalie. Voor de leken: dat is
voor de wind, dus wind in de rug met grootzeil naar de ene kant en de fok met
de boom erin naar de andere kant. Kunnen we de laatste twee uurtjes toch nog
even lekker zeilen!
 |
| De Letse gastenvlag gaat in het want |
 |
| Het licht aan de horizon rond middernacht |
 |
| Havenhoofd van Ventspils |
Voor Ventspils roepen we traffic control op en we worden
verwezen naar de nieuwe vissershaven. Om kwart over twee meren we daar af. Nu
is nieuw een relatief begrip. Het is een smerige haven met aan de haven staat
een visfabriek met een rokerij die een vreselijke stank over de haven
verspreidt. Gelukkig staat de wind de goede kant uit. We liggen aan een hoge
betonnen kade ligt, met een lijn aan een meerboei, die achter op het schip is
vastgezet. We moeten va de boeg afstappen met de wind op de kop. Voor mij is
dat lastig, want ik kan niet goed zelfstandig van boord. Als ik het schip naar
de wal trek, dan is het schip weer net teveel teruggewaaid als ik vervolgens
wil afstappen.
Verder is het toiletgebouw heel eenvoudig en zo schoon dat
Jan Willem, geheel tegen zijn principes in, aan boord besluit te douchen. Ik
deed dat altijd al, dus voor mij maakt dat niet uit. Maar internet is hier wel!
Het is een dure haven. Ze zeggen dat de haven eigendom van
de Russische maffia is, die vooral int en weinig investeert.
 |
| Houten huizen in het straatbeeld van Ventspils |
We besluiten om die middag Ventspils te gaan verkennen. De
stad heeft veel houten huizen, veelal in slechte staat van onderhoud, maar ook
een paar mooie. Verder vallen de mooie, verzorgde parken op met her en er
kunstwerken. De straten zijn erg schoon. Dat is overigens in alle drie de
Baltische staten het geval. En er staat een prachtige orthodoxe kerk.
 |
| Orthodoxe kerk Ventspils |
 |
| Oude glorie in verval |
 |
| Bereisde koe |
Ventspils is vooral een werkstad. Het is een belangrijke
havenstad voor Letland. Het heeft een groot spoorwegemplacement, dat louter
voor goederenvervoer wordt gebruikt. Alle personen vervoer gaat per bus. Er is
dan ook een uitgebreid busstation met goede verbindingen naar alle windstreken.
We zoeken uit waar de bus naar Riga gaat. Daar willen we de komende twee dagen
naar toe.
 |
| Vergietkoe |
 |
| Scheepswerf, nabij de haven |
 |
| Landschap onderweg naar Riga |
Al voor half acht ’s ochtends lopen we met elk een
weekendtas over de schouder op weg naar het busstation. Om vijf over acht gaat
onze bus naar Riga. Het is een rit van
180 km in ruim drie uur. Daarom willen we twee
dagen blijven en hebben we de avond ervoor via internet een hotel geboekt. Dat
gaat prima. Omdat we niet kunnen printen, heeft JW de bevestiging op zijn
telefoon gedownload.
 |
Lunch in Riga met Solyanka:
Tomatensoep met niertjes |
De bus vertrekt stipt op tijd. De reis gaat over de A10,
eenzelfde bordje als bij ons. Daar houdt de vergelijking dan ook mee op, want
het overgrote deel van het traject is tweebaans. Grote stukken weg zijn vol
hobbels en kuilen en hier en daar splinternieuw en spiegelglad. Alleen het allerlaatste
stukje is vierbaans. Op veel plaatsen wordt aan de weg gewerkt. Met Europees
geld.
Het landschap is eerst vrij vlak en wordt na een tijdje
heuvelachtig. Bos, weilanden en akkers wisselen elkaar af. We zien ond
erweg
veel ooievaars. Een keer zelfs twee zwarte ooievaars. Een keer ook een ree,
maar geen roofvogels. Sommige stukken gaan door uitgestrekte bossen. Er is
weinig bebouwing en we komen langs geen enkele andere grotere stad. Onderweg zijn
er nog een aantal stopplaatsen.
 |
| Interieur Petruskerk |
 |
De Bremerstraatmuzikanten,
beeldje naast de Petruskerk |
Rond half twaalf komen we in Riga aan en we brengen onze
bagage naar het hotel, dat gelukkig dicht bij het busstation is. Eerst wat eten op een terras, waarvan Riga er heel veel
heeft, en dan aan de wandel, om te
beginnen met de oude stad met gebouwen en kerken uit de middeleeuwen en 16
e
en 17
e eeuw.
We bezoeken de Petruskerk. Er moet entree worden
betaald. Als we nog een tweede ronde willen lopen, maakt een wat verzuurde dame
duidelijk dat dat niet de bedoeling is. Dan moet er opnieuw betaald worden.
 |
| Interieur Domkerk |
Riga is grotendeels pas na de Russische bezetting, - want zo
zien ze dat hier -, gerestaureerd. De Duitse en Sovjetbezetting hebben diepe
wonden geslagen.
 |
| De Domkerk |
Het is een stad die bruist, met mooie winkels en goedgeklede
mensen. Op straat zie je veel mensen op weg naar hun werk. Verder veel
toeristen en muziek op straat.
 |
| Wapenschild in de Domkerk |
Eind van de middag zoeken we het Old Riga Palace hotel op
voor een rustmomentje en om te verkleden voor het diner. Het is een viersterren
hotel en onze kamer kost via een last minute boeking 40 euro, inclusief ontbijt,dus
we zijn benieuwd. En inderdaad, het is schoon en netjes, met prima bed en
sanitair, maar de allerkleinste kamer die je je kunt voorstellen.
 |
House of the Blackheads,
verwoest in WO II en past hersteld in de 90-er jaren |
 |
| Overal bandjes bij de terrassen |
De volgende dag beginnen we met een bezoek aan de centrale
markt. Dat is een complex van grote markthallen waaronder een met vis, een
andere met groenten, een met vlees, etcetera. Ook buiten is er markt.
 |
| Detail |
 |
| Detail |
Aan veel huizen en gebouwen wordt gevlagd. Als we beter
kijken zien we dat er zwarte rouwlinten aan de vlaggenstokken hangen.
Op 14 juni 1941
werden vanuit Estland 10.000 burgers naar Siberië en andere uithoeken
van de Sovjet-Unie gedeporteerd. Na de Duitse invasie in de Sovjet-Unie werden
32.000 Estse mannen gedwongen in 'arbeidsbataljons' in de Sovjet-Unie te
werken. Van hen kwam in het eerste jaar 40 % om het leven door de
ontberingen.
 |
| 14 juni 1945: inval van de Duitsers |
We hebben nog een uurtje en besluiten het museum voor de
historie van de stad en nautische historie op te zoeken. Niet zo’n goede keus,
want het is een stoffig ouderwets geheel.
Inmiddels is het tijd geworden om het hotel op te zoeken om
de bagage op te halen en naar het busstation te gaan voor de terugreis. Het
waren twee geweldige dagen.
 |
| Salonboot voor de markthallen, gezien vanaf het busstation |
 |
| Stevig weer op weg naar Kuressaare |
Na lekker uitslapen kijken we ‘s ochtend nog eens naar de
weersverwachting. Afgelopen nacht heeft het hard gewaaid en gisteravond leek
het dat er vandaag een weergat zou zijn,waarin we precies onze volgende
bestemming kunnen bereiken. Hoewel de verwachting twijfelachtig is, vertrekken
we, omdat er morgen nog meer wind is voorspeld. En het is zonnig, dat scheelt.
Als we rond 12 uur de havenhoofden uitvaren gaat het er
direct stevig tegen aan. Flinke golven en 19 knopen wind. Het eerste stukje is
het nog aan de wind, maar al gauw buigen we af langs de kust en kunnen we een
ruimere koers aanhouden.
 |
| Het tempo zit er goed in! |
Het schip ligt rustiger, maar de golven blijven hoog.
Hoe hoog is altijd moeilijk in te schatten, echter de voorspelling geeft
2,5 meter aan. Inmiddels
komt de wind recht van achteren, maar in verband met de golven besluiten we om
het traject af te kruisen. Dat zijn misschien iets meer mijlen, maar het gaat
toch al erg hard met 7,5 knoop over de grond met uitschieters naar 10 en 11
knopen! Jan Willem speculeert al op een recordtocht. Zo varen we de Golf van
Riga binnen. Dan zakt tegen de avond de wind in en kunnen we fluiten naar het
record. Tot
10 mijl
voor Kurasaarre gaan we met een gangetje va 4,5 knoop,maar dan moet de motor
aan. Het laatste stuk gaat tussen de ondieptes en de rotsen door en vergt
concentratie om nauwkeurig te navigeren. Gelukkig is het hier lang licht.
 |
| Baken op het Vahase, vlak voor Kuressaare |
Om
kwart over tien ’s avonds meren we af in Kurasaarre op het eiland Saarema. We
zijn in Estland.
 |
| De smalle toegangsgeul naar Kuressaare |
Mooi blog!en leuke vermelding van onze foto! Succes en veel plezier met de overtocht zondag. Gr zee=mc2
BeantwoordenVerwijderen