donderdag 16 juni 2016

3 t/m 10 juni: Met Milou als gast van Bantry naar Kilmore Quay

3 juni: Naar Bantry House; Milou komt aan boord

Bantry House,gezien vanuit de formele tuin
Rozen bij Bantry House
Diana, godin van de jacht
Vandaag arriveert zus Milou, die tot 14 juni met ons mee zal varen, maar eerst gaan we Bantry House en Gardens bezoeken, het landhuis waarop we vanuit de haven uitkijken. Het huis dateert uit 1700 en is in privébezit van nazaten van Richard White, die Earl of Bantry werd in 1816. Het huis is behoorlijk verwaarloosd, en dat gold ook voor de tuinen, maar daar is de laatste jaren hard aan gewerkt. In het huis is een bed en breakfast gevestigd en op allerlei manieren wordt door de huidige eigenaresse geld gegenereerd om het huis te restaureren. Binnen is de inrichting  zeer fraai. Er hangen prachtige franse gobelins. De tuinen zijn prachtig in terrassen opgebouwd. En er ligt zo’n mooie zeilboot voor de deur!

En er ligt zo'n leuk jacht voor de deur!
Don't pretend it's yours!
Sint Brandaan op het marktplein in Bantry












Vissersboten in Bantry







’s Middags gaan we diesel halen en boodschappen doen en dan meldt Milou zich die aangekomen is met de bus vanuit Cork.
Terwijl Jan Willem de boodschappen naar de Iskander brengt lopen Milou en ik over de markt en verwonderen ons over het aanbod, van tapijten tot levend gevogelte, van dopsleutelsets tot falafel.
Eenmaal aan boord moet er uitgepakt en bijgepraat worden.
We gaan toch nog een stukje varen naar Lawrence Cove Marina, een haventje aan het begin van de Bantry Bay op Bere Island. Het wordt een rustig tochtje op de motor. We zijn verrast als in Lawrence Cove de Alchemy ligt en meren langzij af. Leuk om Dick en Ginger weer te zien.
Vuurtoren in het avondlicht bij Lawrence Cove


4 juni: Dagje chillen

De Alchemy in Lawrence Cove
Het is zonnig en warm. Terwijl Milou op het voordek ligt te zonnen, poets ik de boot. Grote hoeveelheden zout komen eraf. Jan Willem kijkt op de kaarten voor de  tochten van komende dagen en poets het RVS. Milou en ik wandelen nog een stuk de berg op en genieten van de verscheidenheid aan bermplanten en natuurlijk van het uitzicht. En verder beperken we ons tot lekker lezen en gaan een stout biertje drinken bij de lokale pub, die er uitziet als een soort huiskamer.
Lawrence Cove Marina
Als Dick en Ginger terugkomen van hun wandeling mogen we de Alchemy van binnen bewonderen. Het is een prachtig zeewaardig schip, een Valiant 40.

Het plaatsje Rerrin bij Lawrence Cove met op de voorgrond de ondiepte gemarkeerd door een staak.
Hier moet je stuurboord uit (rechtsaf) gaan.

5 juni: Naar Baltimore

Een echt wrak bij Berehaven
De toegang tot Berehaven laten we links liggen
Vandaag gaan we op ons eerste traject terug naar het oosten naar Baltimore. De Alchemy vertrekt om tien uur en gaat naar het westen. Wij tanken nog even water en gaan daarna ook. Eerst motoren we richting Berehaven. Voordat we de luwte van Bere Island verlaten hijsen we de zeilen. Op open zee waait het lekker door uit het zuidoosten en we zetten een reef. Er staat een fikse deining van wel 2 meter hoog. Af en toe kijken we tegen een hele berg water aan, maar gelukkig wordt het schip steeds op tijd opgetild.
Zeeziek, maar de deining is ook fors
Milou wordt zeeziek, ondanks een cinnarizinetablet. Ze wordt van die pil bovendien behoorlijk slaperig en ligt het grootste deel van de tijd op de bank in de kuip. 
Als we opeens dolfijnen rond de boot hebben maakt de zeeziekte plaats voor opwinding. Het is ook een fantastisch gezicht. We houden Mizen Head ditmaal op gepaste afstand en laten Crookhaven links liggen. Om verder uit de kust te komen varen we een rak richting Fastnet Rock. Als we bespreken of we voor of na de rots overstag gaan, zie ik ineens veel schuimkoppen in het stuk zee achter de rots. Inzoomend op de plotter blijkt dat het daar een stuk minder diep is, 20 in plaats van 50 meter. Daar willen we niet zijn, dus gauw ervoor overstag.
Om half zeven meren we af aan een mooring in Baltimore na een stevige trip van 8 uur en 50 mijl.

Dolfijnen!

De vrouw van Lot bij de toegang tot Baltimore

6 juni: Van Baltimore naar Castletownshend

Wandelen in Baltimore
Veel slecht onderhoud in Ierland













Het was gisteren een stevige trip dus doen we het ’s ochtends rustig aan. Met de bijboot gaan we naar de wal om Baltimore te verkennen. Er is een hill hike trip aangegeven van 2,5 kilometer, een korte wandeling die ons mooie uitzichten over de baai oplevert. In het dorp is het gezellig druk als we neerstrijken op het terras voor een cappuccino.
Het uitzicht vanaf onze wandeling
In de berm
... en dit ook




















Vertrek vanuit Baltimore, langs de Loo en de vrouw van Lot (uiterst rechts)
Er staat weer een hoge deining (filmpje)
Terug aan boord willen we vandaag toch een kort traject varen en gaan we op weg naar het plaatsje Castletownshend bij Castle Haven. Het weer is iets rustiger dan de dag ervoor, maar de deining is nog steeds fors. Half vier vertrekken we uit Baltimore. Het is nog steeds oostzuidoosten wind, - ongelooflijk, al bijna een maand lang -, dus wordt het vandaag alweer kruisen. Wel is het een stuk heiiger dan tot nu toe. Zou de weersverandering eraan komen?


Baltimore is bekend vanwege de walvissen die hier moeten zijn, maar wij hebben ze nog niet gezien. Helaas lukt het vandaag ook niet. We hebben een reden om terug te komen. We passeren de rotsen van de Stags op eerbiedige afstand. Het water spat er af en toe hoog op.
De rotsen van de Stags
Het prachtige Castletownshend




Milou voelt zich al helemaal thuis

Castle Haven is een prachtige, zeer beschutte baai en Castletownshend een bijzonder mooi historisch plaatsje. We zoeken een mooring in 6 meter diep water, zodat er straks bij  laag water ook nog genoeg staat.
Terwijl Milou en ik koken, gaat Jan Willem met de bijboot naar de wal, op zoek naar de havenmeester. Hij komt uit bij een feestje, helaas besloten, en een havenmeester is in geen velden of wegen te bekennen. Dan wordt een goedkoop nachtje. In de vroege avond valt er voor het eerst sinds lang een buitje.

Volstrekte rust in de baai van Castle Haven 

7 juni: Van Castletownshend naar Kinsale

Vertrek uit Castletownshend
De volgende ochtend gaan we al vroeg op weg, omdat het traject naar Kinsale 40 zeemijl is. Dat betekent dat we helaas niet aan wal zullen gaan in dit mooie plaatsje.
De stroom is ongunstig, die begint pas vanaf een uur of drie mee te lopen en waaien doet het ook al nauwelijks en dan nog uit de verkeerde hoek. Het wordt motoren vandaag, het is niet anders. In tegenstelling tot de eerdere dagen is het wolkendek gesloten.
De rotsen 'Stags' gezien vanuit Castle Haven
Basking Shark (filmpje)
Als we de op open zee komen zien Milou en ik een zeehond die ons verbaasd aanstaart. Even later zien we twee scherpe vinnen boven water komen. Is dat de langverwachte walvis? We weten het niet.
Jan van Gent
Later op zien we nog een keer van die vinnen en gaan er op af. Dit zijn geen walvissen, dit zijn haaien. Welke soort haaien het zijn is onduidelijk (later blijkt dat het basking sharks zijn). Als we op een moment dichtbij komen, zie ik een behoorlijk grote vis, al gauw een meter of vijf, en weet ik niet hoe snel ik ervan weg moet sturen. In de loop van de tocht zien we nog meer haaienvinnen.
Gevolgd door de Customs, Custaims in het Gaelic
The Old Head of Kinsale
















Beetje slordig geparkeerd!





De wind draait naar het zuiden, maar neemt helaas niet genoeg in kracht toe om te zeilen. We ronden de Old Head of Kinsale, met daarop een vuurtoren en een golfbaan en varen de Kinsale River op. Het enorme Charles Fort ligt strategisch tegenover de ingang van de rivier. Daar willen we morgen heen!
Rond half vier meren we af bij de Kinsale Yacht Club nabij het centrum van de stad. Inmiddels is het opgeklaard en in de haven is het zonnig en warm. Voor het eten maken we nog een wandeling door het stadje en verbazen ons over de vele felgekleurde huizen. Het ziet er allemaal heel gezellig uit.
 
Afgemeerd bij de Kinsale Yacht Club

Vrolijk gekleurde huizen in de straten van Kinsale

8 juni: Via de Scilly walk naar Charles Fort

Ontbijtje in de zon
Het is alweer een prachtig zonnige dag. Het wordt haast saai, maar wij klagen niet. Van veel Ieren horen we dat het uitzonderlijk weer is voor Ierland. "Unirish weather", zeggen ze.
Er staat in de folder, die Jan Willem bij de Kinsale Yacht Club heeft gevonden, een aantal wandelingen in de omgeving aangegeven en wij kiezen natuurlijk die naar Charles Fort, dat er vanaf het water al zo indrukwekkend uitzag. Het loopt tegen enen als we op stap gaan. De route loopt via het schiereiland Scilly dat tegenover de marina ligt.
Wandelen via de Scilly walk
Eerst moeten we helemaal rond de haven lopen langs het stadscentrum, waar een farmers market aan de gang is. In tegenstelling tot onze verwachting zijn er geen boerenproducten uitgestald, maar vooral kraampjes met allerlei happen, zoals falafel, wraps, burgers, olijven en feta. Ontzettend Iers allemaal, maar niet heus. Bij een man met salades laten we voor ieder van ons een bakje vullen. Kikkererwten, quinoa, tuinerwtjes, aubergines zorgen voor een gezonde en lekkere lunch. die we in een parkje opeten. Daarna nemen we via Scilly Island, langs de pub The Spaniard, het kustpad dat naar het fort leidt.
Traditioneel zeilschip bij Charles Fort
Fundamenten voor drinkwaterbassins,
aan de hooggelegen zijde van het fort
Het fort dateert uit de 17e eeuw. Het is aangelegd volgens de toen modernste inzichten van de architectuur van fortificaties. Interessant is dat het fort van Naarden als voorbeeld heeft gediend. Binnen de muren staan uitgebreide barakken voor manschappen. We zijn bij onze wandeling af en toe de weg kwijt.
Nadat Ierland onafhankelijk is geworden in 1922, is het fort in onbruik geraakt en verwaarloosd. Het was immers een symbool van de Engelse overheersing. Gelukkig hebben de Ieren inmiddels aandacht voor hun geschiedenis en worden er overal historische plaatsen gerestaureerd. Voordat we terug wandelen drinken we koffie bij de tearoom, waar een uitzonderlijk lieve dame ons helpt. De aardbeientaart die ze adviseert is inderdaad erg lekker.
Op de terugweg langs Scilly
Deze pub nabij Charles Fort is een populaire stop

Onderweg gezien, speciaal voor Sophie
Detail 







's Avond nodigt Milou ons uit voor een etentje bij de White Lady, waar ze lekkere verse vis serveren. Coquilles, gevulde vissoep en superverse mosselen en daarna nog een toet. En alweer zo’n lieve dame die ons bedient. Het is al laat als we weer bootwaarts gaan. Met een iets te volle maag duiken we ons bedje in.

9 juni: Van Kinsale naar Youghal

Charles Fort bij ons vertrek
Hij ligt er nog steeds
Vandaag hebben we zo’n 35 zeemijl voor de boeg.  Om onze planning te halen laten we Cork links liggen. Jammer, misschien een volgende keer. 
Rond tien uur varen we af. Het is bewolkt en er staan te weinig wind. Zodra de wind aantrekt tot een knoop of acht gaan we zeilen. Dat kan omdat er weinig deining staat in vergelijking met de afgelopen dagen. Als de wind wat ruimer invalt zetten we de kotter erbij. Dat helpt een beetje. Later trekt het wolkendek open en neemt de wind net genoeg toe om lekker te kunnen zeilen. Het wordt een heerlijke zeildag. In Youghal, dat je uitspreekt als 'yawl', zoeken we een mooring op, waarbij we op de diepte moeten letten. Omdat het hoog water is, hebben we minstens zes meter diepte nodig, om voldoende over te houden.
De Nederlandse Bark 'Morgenster'
Vuurtoren op Ballycotton Island
Geleidelicht bij de ingang van Youghal, de rode sector is zichtbaar
Winkel met religieuze parafernalia.
Op de deuren de foto's van twee pausen
Na het eten gaan we met de bijboot naar het plaatsje en leggen aan in de oude haven. We maken een wandeling en opeens staat er een man in sportkleding achter ons die ons aanspreekt. Hij vraagt of we zeilers zijn. Met onze zwemvesten over de schouder is dat niet zo’n moeilijke gok. Hij prijst zijn stad aan en vist een folder van Youghal uit zijn rugzakje. Alweer zo’n vriendelijke Ier! Youghal heeft een aantal zeer oude, monumentale gebouwen. Verder veel kleine winkels die ouderwets aandoen. Het geheel is wel een beetje onderkomen met veel slecht onderhouden panden. Ook straten en trottoirs hangen van lapwerk aan elkaar. Als het gaat schemeren gaan we met de bijboot terug naar de Iskander, om voor het donker weer aan boord te zijn.


 
Monumentale middeleeuwse toren: the Clock Gate
In deze pub zijn filmopnamen
voor Moby Dick gemaakt

10 juni: Naar Kilmore Quay

Afvaart bij Youghal in de regen

We willen op 12 juni in de buurt van Dublin zijn zodat we samen met Milou die stad nog kunnen bezoeken,voordat zij vertrekt. Daarom gaan we weer een behoorlijke afstand varen. Jan Willem heeft gisteravond de planning gemaakt.
Iets na negenen gooien we van de mooring los. Voor het eerst sinds lang regent het echt. Het stroomt fors op de rivier. Helaas is er alweer te weinig wind, dus motoren we het grootste deel van de dag. Er staat een hele lange deining.
Rond de middag klaart het weer op. Wel is het enigszins heiig en de zee is als een spiegel, waardoor de overgang tussen zee en lucht niet meer te zien is. Hier zien we voor het eerst papegaaiduikers op het water. Het zijn hele kleine vogeltjes, veel kleiner dan zeekoeten of meeuwen.
Ruige kaap met groene weiden bij Brownstown Head
Vuurtoren van Hook Head
Als er rond een uur of twee iets meer wind komt kunnen we toch nog zeilen. Dat houden we vol tot rond een uur of vijf de wind weer inzakt. 



's Middags komt er een zonnetje bij

Lekker lezen in de zon












Voor het eerst zien we papegaaiduikers
Zeekoet
Jan van Gent
























Heel veel vogels bij dit gedeelte van de Ierse zuidkust































Geleidelijn bij de haveningang van Kilmore Quay
Zeehond in de haven

















Viskotters in de haven van Kilmore Quay


Om half zeven meren we af in aan de steiger in Kilmore Quay Marina. Het is een vissershaven met achterin twee steigers voor jachten. Er ligt hier een behoorlijke vissersvloot. Voor het eerst zien we grote viskotters, die qua omvang in de Nederlandse havens zouden kunnen liggen. De staat van onderhoud is echter iets anders. In de haven zwemt een grote zeehond heel relaxt rond. Hij hoort hier duidelijk thuis.


Beeld in de Memorial Garden
Jan Willem onder de indruk van de Memorial garden

Na het eten gaan we de wal op voor onze avondwandeling. The Memorial Garden is een indrukwekkend monument voor hen die in de zeeën rond Ierland op zee zijn gebleven,  vissers, opvarenden van passagiers- of vrachtschepen, oorlogsschepen of verdronken zwemmers. De namenlijst gaat terug tot ver in de 19 eeuw. Het zijn er wel een paar honderd. 
Intussen schemert het al. We worden verrast met een uitzonderlijk mooi dorp met veel traditionele huizen met rieten daken, die eruit zien alsof ze zo uit de Efteling komen. Er zijn twee leuke pubs, een aan de haven en een in het centrum tegenover de kerk. Helaas begint de muziek pas laat en vallen onze oogjes dicht van alle gezonde buitenlucht, dus gaan we terug naar de Iskander en ‘te kooi’.





Rode pimpernel



Prachtige cottages in Kilmore Quay























Geen opmerkingen:

Een reactie posten