De route van deze periode
 |
| Van Dunstaffnage naar Fort William |
30 juli: Terug in Schotland!
 |
| Een geslaagde diploma-uitreiking |
 |
| Lopend langs de file naar Schiphol |
Na een week vol huiselijke besognes en een geslaagde
diploma-uitreiking vliegen we terug naar Edinburgh. Matthijs en Martine brengen
ons weg met de auto. Sophie en Myrthe die met ons meegaan zullen we op Schiphol
ontmoeten. Alles loopt op rolletjes, totdat we vlak voor de afslag naar het
vliegveld in een file belanden. Na een kwartier zonder voortgang en zicht op de
oorzaak van de ellende stappen we uit, zeggen de uitzwaaiers gedag en gaan te
voet verder. Ons voorbeeld wordt al snel gevolgd.
 |
| Toch op tijd in het vliegtuig |
Dan wordt duidelijk wat de
file heeft veroorzaakt: een controle van Marechaussee, waar de auto’s een
voor een doorgelaten worden. En dat op
een van de drukste dagen van het jaar! Er staan een paar auto’s aan de kant met
Arabisch uitziende jongens ernaast. Omdat we niet op de snelweg mogen lopen,
mogen we er niet door, maar we krijgen in elk geval geen bon. Gelukkig zijn er
vriendelijke mensen die de lopers een lift geven en zo komt alles toch nog
goed. Sophie vertelt later dat zij zijn aangehouden, maar toen ze herkend
werden als militairen door mochten. Voor het vliegtuig zijn we ruim op tijd,
want dat vertrekt een bijna uur te laat.
 |
| Hop on hop off in Edinburgh |
In Edinburgh aangekomen stallen we de bagage en gaan een
rondrit met een Hop on Hop off-bus maken. Zo krijgen Sophie en Myrthe een beeld
van de stad waar ze op het eind van hun vakantie nog een paar dagen zullen
zijn.
Eind van de middag vertrekt onze trein richting Oban, waar
we om half tien arriveren. Terwijl Jan Willem en ik foerageren bij de Tesco in
Oban, nemen de meiden alvast de taxi naar de boot in Dunstaffnage. Wij komen er
met volle tassen achteraan.
 |
| Gezicht op de oude stad van Edinburgh |
31 juli: Van Dunstaffnage naar Loch Spelve
 |
| Regenboog bij Dunstaffnage |
We doen rustig aan, het is tenslotte voor de meiden ook
vakantie. Freda van de Micky Fin IV heeft in Loch Boisdale Jan Willem een heleboel leuke
ankerplekjes en moorings aangewezen. Daarmee plannen we nu nog een paar leuke
tochten voordat we het Caledonian Canal in gaan, zodat Sophie en Myrthe een
indruk krijgen van de westkant van Schotland. De eerste tocht gaat naar een
baai aan de oostkant van Mull, Loch Spelve.
 |
| Zonsondergang in Loch Spelve |
We vertrekken aan het begin van de
middag uit Dunstaffnage. Direct na afvaart steken we twee reven vanwege bui, maar
die kunnen er al snel weer uit. We steken langs de westelijke kant van Kerrera de
Firth of Lorne over en verbazen ons opnieuw over de stromingen die in het
noordelijke deel van de firth staan. Vanwege rotsen en ondiepten manoeuvreren
we voorzichtig door de ingang van Loch Spelve. Het is een mooi loch, waar
behalve een paar fishfarms niet veel is: wijds en verlaten. We ankeren in de
noordelijke tak. Voor we de mooring oppikken varen we er eerst een rondje
omheen om de diepte in de zwaai te checken. Als de wind draait willen we immers
niet met laag water aan de grond lopen. Het wordt een rustige avond met
spelletjes: Bevers en Regenwormen zijn onze favorieten! Sophie, Myrthe en ik
spelen fanatiek, terwijl Jan Willem de tocht van de volgende dag voorbereidt.
 |
| De avondzon zet Loch Spelve in een prachtig licht |
 |
| Bijna met het mes op tafel |
1 augustus: Van Loch Spelve naar Tobermory
De volgende ochtend is het windstil en genieten we van de weidsheid en de rust.
Helaas staat er weinig wind en is die ook nog achterlijk, dus motoren we de hele tocht. De stroom loopt het grootste deel van de tocht mee en dat is fijn, want het kan hier fors stromen. Het levert ons vijf mijl stroomvoordeel op.
 |
| De noordoostkust van Mull |
 |
| Afmeren in Tobermory |
Rond half drie meren we, voor de derde keer deze vakantie, af
aan de steiger van Torbermory Marina. Het is zonnig weer en de meiden gaan het
plaatsje ontdekken. Jan Willem en ik wandelen naar een winkeltje aan de rand
van het dorp waar ze uitstekende lokale producten verkopen, waaronder gerookte
zalm en hertenbiefstuk. Het is ons aangeraden door Mike en Freda.
 |
| Gezicht op Tobermory |
2 augustus: Van Tobermory naar Shuna Island
 |
| Trainingschip van de Royal Navy 'TS Royalist' |
 |
Vertrek uit Tobermory
|
 |
| Sea cadets op de ra's van de 'TS Royalist' |
 |
| Lekker kruisen op de Sound of Mull |
Langzaam maar zeker moeten we ons richting Caledonian Canal begeven. Ons doel voor vandaag is Shuna Island. We vertrekken om kwart over negen. Het is nog steeds oostenwind. Omdat we stroom mee hebben, kruisen we lekker door de Sound of Mull. Met een mooie 4 tot 5 beaufort zeilt het fantastisch en met twee paar extra handen loopt het overstag gaan soepeler dan ooit. ’s Ochtends hebben we nog volop zon, maar rond de middag betrekt het. Dat is typisch Schots weer.
 |
| Zeehonden op Eilean Glas |
 |
| Ze zijn niet schuw, maar vooral nieuwsgierig |
We buigen af naar het noorden, door de Lynn of Morvern, langs
de westelijke kant van het eiland Lismore. De wind zakt in en dan is het gedaan
met zeilen.
Ten noorden van Lismore liggen tal van kleine eilandjes. We
varen zo dicht mogelijk langs Eilean Gainihm en Eilean Glas waar een grote
groep zeehonden ligt te chillen. Aan stuurboord zien we het indrukwekkende Castle
Stalker, vaak afgebeeld op prentbriefkaarten.
 |
| Castle Stalker |
Dan naderen we onze bestemming. Tussen het vasteland en
Shuna Island door komen we in Shuna Bay waar we een mooring oppikken. Bij Shuna
ligt de Bristol cutter met een Nederlandse vlag, die we een paar weken eerder
in Tobermory hebben gezien. Hij zei toen dat hij hier een eiland had gekocht. Blijkbaar
is Shuna Island eigendom van de eigenaar van het schip. Dat wordt later door de
havenmeester bevestigd. In het boek “the
Schottish Isles’ staat dat het eiland in 2012 is verkocht aan een ‘European
investor’.
 |
| Bristol cutter gelegen bij Shuna Island |
 |
| Plastic zak in de schroef |
Jan Willem gaat kijken of er iets in de schroef zit, omdat
we bij het afmeren problemen hebben met achteruit slaan. En ja hoor, er zit een
grote blauwe plastic zak in. Omgeven door kwallen door probeert hij hem eruit
te halen. Als het hem niet lukt, gaat Sophie het klusje klaren. Zij past de
flippers die we aan boord hebben wel en kan daarom gemakkelijker onder het
schip komen. Met het wetsuit van Jan Willem aan, een ‘beetje’ groot, maar met een
goede bescherming tegen de kwallen.
3 augustus: Van Shuna Island naar het Caledonian Canal bij Fort William
 |
| Corran Narrows, met vuurtoren |
 |
| Het pondje bij Corran Narrows |
Eind van de ochtend vertrekken we. Afwisselend motregent het
of is het net aan droog en er is niet zo veel wind. De route loopt door Loch
Linnhe, ten noorden van Shuna, langs de Corran Narrows, een smalle doorgang
tussen het schiereiland Morvern en het Schotse vasteland. In het begin kunnen
we nog zeilen, maar voor de narrows gaan we motoren, mede vanwege de forse
stroming.
 |
| Fort William in de regen |
 |
| Als we ankeren bij Corpach komt de stoomtrein langs |
We varen langs Fort William, op zich geen bijzondere plaats,
maar bekend als ingang van het kanaal en startpunt voor wandelaars die Ben Nevis,
de hoogste berg van Schotland, willen beklimmen.
Tegen drieën gaan we aan een mooring liggen bij het plaatsje
Corpach om te wachten tot we de eerste sluis van het kanaal in kunnen. Dat
duurt nog even want er is een tijdslot in verband met het getij. Rond laag
water blijft de sluis dicht. Tegen vijf uur mogen we de eerste sluis in. We
overnachten in Corpach Basin.
 |
| Zeilboten bij Corpach |
4 augustus: Door Neptunes Staircase
 |
| Neptunes Staircase bestaat uit een swing bridge en acht opeenvolgende sluizen |
 |
| Het hoogteverschil is fors! |
Neptunes Staircase is de grootste van de drie beroemde
staircases in het Caledonian Canal met acht opeenvolgende sluizen. Het is een
belevenis op zichzelf en we zijn bovendien bezienswaardigheid voor de vele
toeristen.
We horen bij de eerste groep schepen die deze ochtend
geschut worden. Jan Willem heeft speciaal voor het kanaal extra lange en dunne
landvasten aangeschaft, die we gemakkelijk omhoog kunnen werpen. De boeken
hebben ons bang gemaakt met de grote hoogteverschillen en watermassa’s die met
bulderend geweld de sluis in stromen. Het valt in de praktijk allemaal hard
mee. We zijn blij dat we in de vorm van Myrthe en Sophie extra handjes aan boord
hebben, maar zonder zou het ook lukken. De stewards op de wal begeleiden de
schepen prima.
 |
| Myrthe reikt een helpende hand |
Een Engels zeilschip met een wat bangelijk echtpaar erop heeft
er moeite mee. De vrouw staat achter het roer en geeft steeds te veel gas,
terwijl de man het schip strak tegen de wal aan trekt. Stress alom! Myrthe gaat
helpen en er komt wat meer rust in de tent.
Als we rond half twaalf de sluizen zijn gepasseerd, meren we
af bij Banavie en gaan we een boek lezen en maken een wandeling langs het
kanaal. Sophie en Myrthe zoeken uit hoe we de volgende dag bij Ben Nevis kunnen
komen om een mooie wandeling te maken.
5 augustus: Wandelen bij Ben Nevis
 |
| Prachtig uitzicht vanaf Nevis Range |
 |
| Dopheide en korstmos |
De boterhammen zijn gesmeerd, de waterflesjes gevuld en de
regenkleding ingepakt. Myrthe heeft een taxi besteld bij het hotel naast de
staircase, die ons vieren naar Nevis Range brengt. Het is dan wel niet Ben
Nevis zelf, de hoogste berg van Schotland, maar wel een van de hooggelegen uitlopers en ’s winters hèt
skigebied van Schotland. Daar kopen we een kaartje om met de gondel naar boven te
gaan. We willen een enkeltje, maar ze verkopen alleen retourtjes. De caissière zegt
dat we niet naar beneden kunnen lopen. Er zijn enkel mountainbikepaden en het
is te gevaarlijk om daar overheen te gaan.
 |
| Wandelend naar beneden |
 |
| Wel opletten voor de mountainbikers! |
Boven aangekomen wandelen we de twee voorgeschreven paden,
samen met nog een paar honderd andere mensen. De paden zijn nogal suf, maar we genieten
wel van het prachtige uitzicht over Loch Linnhe en Loch Eil. Enfin, als we klaar
zijn, zijn we nog lang niet uitgewandeld en besluiten we om toch via een
mountainbikepad af te dalen. Het is een prachtige wandeling met af en toe
lastige steile stukjes. Het is er immers nat en glad. Steeds als het onoverzichtelijk
wordt gaat er een van ons op de uitkijk staan en zo komen we voldaan en met
veel plezier beneden.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten