zondag 11 december 2016

21 t/m 24 augustus: Van Hartlepool naar de folkweek in Whitby

21 augustus: Van Hartlepool naar Whitby

Als we vertrekken ligt het oude centrum van Hartlepool in de zon
Overal liggen kreeftenpotten
Een emmer achter de steven
om het gieren te verminderen
Vanmiddag worden in Whitby de eerste schepen van de Toerzeilers Whitby Rally verwacht. Wij sluiten ons daarbij aan en gaan ook die kant uit. De afstand is slechts 23 mijl, maar om met voldoende water onder de kiel Hartlepool te verlaten, moeten we al om half tien vertrekken. We zijn gewaarschuwd voor grote drukte in de sluis, maar liggen er alleen.
We kunnen pas na half vier Whitby binnenvaren, vanwege de waterdiepte aldaar. Er gaan er twee reven in het grootzeil vanwege de wind en om de snelheid te temperen. Vanwege de achterlijke wind (west tot noordwest) met grote golven strijken we al gauw het grootzeil en gaan verder op de fok. Als de wind aantrekt tot 20 à 25 knopen en de golven nog groter worden begint de Iskander behoorlijk te gieren. Creatief zoeken we naar een oplossing. 
De kotterfok over de andere boeg? Dan loopt de Iskander sneller en komen we te vroeg aan. Een emmer in het water achter de boot werkt beter. Het remt de kont en houdt het schip rechter op de golven. Ook loopt de snelheid wat terug en dat komt ons goed uit.
We varen langs het prachtige plaatsje Staithes ten noordwesten van Whitby. Vanwege het drukke programma zullen we er niet komen. Hopelijk een volgende keer.
Het mooie plaatsje Staithes, ten noordwesten van Whtiby
De Kobbe van Kees en Elly voor Whitby
met averij aan het grootzeil

Ondanks alleen op de fok als tuigage en de emmer erachter zijn we een uurtje te vroeg in de buurt van Whitby. Daarom varen we een rak 'naar buiten'. Inmiddels zien we diverse toerzeilers, die met de Uiterton Whitby Rallye meedoen, op de AIS en horen we hoe ze de brug van Whitby oproepen. Het is onduidelijk of er om half vier genoeg water staat, dus komen we liever nog iets later binnen.
Na een uurtje zetten we koers naar de haven en dan zakt de wind in tot 12 knopen, zoals voorspeld. Jan Willem hijst het grootzeil, maar laat een reef zitten. Dat blijkt een goede keus, want vlak voor Whitby trekt de wind in een bui nog even flink aan tot over de 20 knopen. Onder de kust strijken we in vlakker water. Bij het binnenvaren van de havenhoofden staat er een sterke dwarsstroom, net op de plaats waar je dacht dat het voorbij zou zijn. Gas erop! De brug gaat juist draaien als we aan komen varen en samen met de andere toerzeilers gaan we erdoor. De havenmeester staat ons al op te wachten op de steiger. De Kobbe van Kees en Elly komt gezellig naast ons liggen. Elly verblijdt ons met twee zakjes Napoleonnetjes, waar we heel blij mee zijn. Die  helpen ons tijdens het zeilen door de dipjes en zijn in Engeland niet te koop.
Jan Willem maakt zich zorgen over de waterdiepte bij laag water met springtij. De havenmeester stelt hem gerust. Er is nog minstens een halve meter modder om in weg te zakken.
Helaas zijn lang niet alle schepen overgestoken, omdat het weer in het zuiden van Nederland te slechts was. Alleen de schepen uit Den Helder zijn aangekomen, maar ook zij hebben het zwaar gehad.
Whitby Abbey en Whitbey Mansion torenen boven de haveningang uit.


Fleurige strandhuisjes bij hoog water vanaf zee gezien

22 augustus: Folkweek in Whitby

40 cm. in de modder!
Kreeftenpotten op de kade
Vandaag is het springtij. We houden de dieptemeter in de gaten. Hoewel, als het fout gaat is er niets meer aan te doen. Het laagste peil dat we meten is 1.70 meter, 40 centimeter in de modder.
Bezoek aan Whitby Abbey
De ochtend besteden we aan huishoudelijke zaken, maar als in de middag de zon gaat schijnen, maken we voor de laatste maal van deze reis gebruik van onze English-Heritagekaart, door de Whitby Abbey te bezoeken, die zo’n kenmerkend baken vormt als je vanuit zee nadert. Van wat ooit een grote abdijkerk met veel bijgebouwen, waar een grote gemeenschap woonde, moet zijn geweest, is nog maar een beperkt deel over. Een deel van de stenen van de abdij is gebruikt om vanaf 1539 Whitby Mansion te bouwen, nadat het katholieke geloof in Engeland in ongenade viel.
Krabvissen is een nationale bezigheid die hier druk wordt beoefend
Jur en Margaretha begeleiden
ons gezang in de Whitby Yacht Club
Samen met de toerzeilers oefenen we de (schippers)liederen die we de volgende avond in de Yacht Club gaan zingen. De stemming zit er al goed in.
Whitby is één groot spektakel, met kermis in de straten en folkmuzikanten in de kroegen. Tegen tienen is er een prachtig vuurwerk op de pier ter afsluiting van de kermis. De folkweek duurt nog de hele week. We genieten van de gelegenheidscombinaties van improviserende muzikanten in de kroegen. De sfeer is geweldig.
De kroegen zitten vol met muzikanten
Traditionele dansen tijdens de Whitby folkweek

23 augustus: Naar Robin Hood’s Bay

Uitzicht over de kliffen tijdens de wandeling naar Robin Hoods Bay
Even bijtanken en natuurlijk de mobieltjes checken!
Robn Hoods Bay
Blijkbaar is niet iedereen hier
goed te spreken over de Nederlanders
Traditioneel maken de toerzeilers tijdens hun bezoek een wandeling naar het pittoreske Robin Hood’s Bay. Het weer is prachtig als we verzamelen, maar eerst verwelkomen we solozeiler Carel Carton, die vanochtend binnenvaart. Ondanks de oversteek is hij zo fit dat hij mee gaat wandelen. Het gaat over de kliffen en door venijnige dalletjes, waar beekjes voor de afwatering zorgen. Een keer zelfs door een weiland met koeien. Wandelend kom je tot leuke gesprekken. In Robin Hoods Bay komen we net te laat aan voor de lunch: kitchen closed.
Een gezellige avond bij de Whitby Yacht Club
Bij sommigen van ons valt dat erg slecht. Bij de gratie gods kunnen we gelukkig nog een sandwich krijgen.

De bus brengt ons terug naar onze boten, waar iedereen zich gaat klaarmaken voor de barbecue bij de Whitby Yacht Club, die ook tot de traditie behoort.
Er gaan een aantal flinke lamsbouten op het vuur en de toetjes zijn niet te versmaden. Na het eten wordt er in het Engels en het Nederlands gezongen. Enkele Engelse dames zingen de Nederlandse liederen (fonetisch) mee. Geweldig is dat.
Later op de avond zoeken we nog even de muziek in de pubs op.



24 augustus: Wandelen door Whitby

Jur, Kees en Margaretha buigen zich over een gescheurd zeil
Opperste concentratie bij Kees
Een aantal toerzeilers neemt de stoomtrein naar de Yorkshire moors. Anderen zijn druk met het repareren van het gescheurd grootzeil.


Folkweek, zomaar op straat













Wij verkennen het mooie plaatsje, wandelend door de minder toeristische straten en langs de boulevard bij het strand.
Whitby is een vankantieplaats:
fraaie huizen rond een 'crescent' in de buurt van het strand
We halen de laatste foerage, verse vis en nog wat cadeautjes, drinken thee in een tearoom. Immers, morgen nemen we afscheid van Engeland.
Het strand van Whitby bij laag water
Strandgenoegens

’s Avonds is er palaver, omdat we de volgende dag de overtocht naar Nederland gaan maken, eerst op de steiger en daarna koffie en ‘a dram’ op de  Iskander. De kajuit is gezellig vol. Niet iedereen gaat morgen terug naar Nederland. Enkele schepen zijn al vertrokken en andere blijven nog even of hebben de reis gebruikt als het begin van hun vakantie.
En dan gaan we op tijd naar bed om uitgerust aan de terugreis te beginnen.
Palaver op de Iskander

vrijdag 18 november 2016

13 t/m 20 augustus: Van Peterhead naar Hartlepool

13 augustus: Opnieuw vertrekken we uit Peterhead


Vertrek uit Peterhead
Boddam Lighthouse bij Peterhead
We worden wakker als de schipper van de boot naast ons op ons kajuitdak klopt omdat hij hulp bij het afvaren nodig heeft. De andere jachten om ons heen zijn al weg. Jan Willem komt met het plan om ook te vertrekken, niet naar Arbroath maar naar Eyemouth, 110 mijl verder, een nachtje doorvaren dus. De voorspelling is gunstig en de wind is inmiddels wat afgenomen en het weer is zonnig. Het is even schakelen, maar een uurtje later gaan we weer ‘naar buiten’. Het eerste uur zeilen we redelijk, maar dan zakt de wind weg en wordt veranderlijk en dat met een golfslag die nog ‘van gisteren’ is. De motor gaat afwisselend aan en uit. Het is allemaal niet goed voor mijn humeur.
Tanker voor anker bij Aberdeen
Het logboek meldt dat we pas om zeven uur ’s avonds westenwind hebben om te zeilen, maar nog wel vervelende deining. Met een knik in de schoot gaat het hard, met snelheden van meer dan acht knopen door het water en ook nog in de juiste richting!
Tegen de schemering zetten we een tweede reef en de kotterfok, om rustig de nacht in te gaan en niet in het donker aan te komen. Maar de wind neemt toe en de snelheid blijft hoog. Weer is er een mooie sterrenhemel met nog een vallende ster! Het is zo jammer dat je dat nooit goed op de foto krijgt.
De zon tussen de wolken door


14 augustus: Aankomst in Eyemouth

Vanwege de hoge snelheid komen we in het donker aan, waar een onbekende haven met smalle en bochtige vaargeul op ons wacht. Omdat we met daglicht de haven van Eyemouth willen binnen varen kunnen we gaan bijliggen om de tijd door te komen. Helaas is op deze plek net een vaarroute van tankers die uit Edinburgh komen. Dus keren we om en gaan een paar mijl noordelijker bijliggen. Rond half vijf hervatten we onze tocht naar Eyemouth, waar we rond zevenen aankomen. We worden verwelkomd door een zeehondenfamilie die langs de havengeul ligt. Wij duiken na het afmeren, ondanks het zonnige weer, eerst nog een paar uur ons bed in. Twee nachten op zee heeft behoorlijk uitputtend gewerkt.
Zeehonden op een rots nabij Eyemouth
Het gaat hard!



















Vuurtoren en wachtershuizen bij St. Abbs, ten noorden van Eyemouth
Vissers voeren hun overschotten aan de zeehonden
‘s Middags maken we een wandeling eerst langs de golfbaan om een rondje golf voor de volgende ochtend te boeken. En daarna door het plaatsje, een drukke vissershaven en een vakantieplaatsje met een leuk strand. Ook zijn er de nodige fish-en-chipstenten, en veel mensen op de boulevard die onaantrekkelijke smurrie met smaak uit een kartonnen doosje verorberen. Het aantal obesitasgevallen is hier behoorlijk groot. Dat geldt ook voor de zeehonden. Aan de kade staat een zeer populaire viskar waar je vis kunt kopen om de zeehonden te voeren. Die beesten liggen de hele middag lui te wachten op hun fastfood. Vandaar dat hier in de haven zo’n grote groep zit.
En voor de mensen
Fastfood voor de zeehonden ...

De haven van Eyemouth

15 augustus: Genieten op de golfbaan in Eyemouth


De meest spectaculaire hole is nummer 6 ....
...die over de klif gaat.
Eyemouth heeft een golfclub uit 1897 met een prachtige 18-holesbaan die vrijwel naast de haven boven op de kliffen ligt. We hebben er een ‘early bird’-rondje geboekt tegen gereduceerd tarief. Het weer is warm en zonnig en we hebben er zin in.
Er is een behoorlijke tijd overheen gegaan sinds we voor het laatst gespeeld hebben en het valt het niet mee. Maar we genieten van het prachtige uitzicht, de leuke holes, en af en toe een hele mooie slag. Bij de meest spectaculaire hole gaat de afslag over de kliffen. Als dat niet lukt mag je een eindje verderop je bal droppen. Dat doe ik dus ook.
Genieten op de golfbaan
Na de 18e hole volgt de 19e:  we lunchen in het restaurant van de club met uitzicht over het stadje en over zee. En dan wordt het tijd om lekker op de boot te chillen, maar niet nadat we nog een rondje voor de volgende ochtend hebben afgesproken.





















16 augustus: Golf, het museum en community rowing

Uitzicht vanaf de golfbaan over de kliffen bij Eyemouth
Roeiboot in het museum
Omdat het golfen gisteren bij tijd en wijle best aardig ging en we dit willen bestendigen, spelen we vanochtend nog een ronde. Maar zo gemakkelijk gaat dat allemaal niet. Golf speel je vooral tegen jezelf. De eerste twee holes worden een strijdtoneel, maar daarna gaat het gelukkig beter en lukt het om wat meer ontspannen te spelen.
’s Middags gaan we het Maritime Museum bekijken. Het vertelt verhalen over de walvisvaart en de haringvisserij. Vrouwen en kinderen waren betrokken door het repareren van netten en het voorzien van de haken van de vislijnen met aas, meestal mosselen. De oudere ongehuwde meisjes reisden achter de vloot aan om de haring te kaken, zo’n 70 stuks per minuut! Nog steeds wordt er jaarlijks een Herring Queen gekozen. Aan de lantaarnpalen in het stadje hangen foto’s van de Herring Queens door de jaren heen.

De Herring Queen ...






... wordt jaarlijks in het dorpshuis gekozen


Memorial van de scheepsramp uit 1881




















In het stadsmuseum wordt aandacht besteed aan de scheepsramp die Eyemouth in 1881 trof. In een verschrikkelijke storm kwamen 129 vissers om. In een klap werden 78 vrouwen weduwe en verloren 182 kinderen hun vader.

Community rowing 
De boten worden naar het botenhuis gerold
Een ‘local’, die met zijn zeilboot aan onze steiger ligt, nodigt ons uit om ’s avonds naar de community rowing te komen, dus gaan we na het eten naar het strand waar het boothuis is. Ze roeien met twee overnaadse sloepen (zelf gebouwd volgens traditioneel model) op zee. Als we komen is er juist een bemanningwissel en we worden uitgenodigd om mee te roeien. We houden het bij kijken en foto’s maken.




17 augustus: Naar Amble

Eyemouth in de ochtendzon
Jachtje bij Holy Island, met Lindisfarne Castle
De volgende bestemming is Amble of Blyth, afhankelijk van hoe het vordert. We vertrekken om zes uur ‘s ochtends om met voldoende water de haven van Eyemouth uit te kunnen varen. We kunnen hier niet  langer blijven, omdat we bij laag water te weinig water onder de kiel hebben (in Eyemouth is het drie dagen rond springtij voor de Iskander niet diep genoeg aan het visitorspontoon).
Tot onze verbazing horen we Patrick van de 'Rambling Rose' over de marifoon overleggen met de havenmeester. Hij ligt voor anker in de baai met een lijn in de schroef, omdat hij op een kreeftenpot is gevaren en kan niet naar binnen. We wensen hem succes met het oplossen van zijn probleem.
Het is prachtig weer en na een uurtje staat er genoeg wind om de rest van de dag lekker te zeilen. De wind komt uit het zuidoosten. Kruisend worden we door de golfslag over bakboord veel meer geremd dan over stuurboord. Dat is tot nu toe steeds zo sinds we langs de Noordzeekust varen. Het is onduidelijk of dit door het schip komt of door de manier waarop de golven inkomen.
We mikken onze slagen zo uit dat we langs Holy Island, met  zijn indrukwekkende kasteel, en tussen de Farne Islands en het vasteland doorvaren. De Farne Islands zijn echte vogeleilanden en op de zee rondom zitten grote groepen vissende zeevogels, zoals zeekoeten, jan van genten en stormvogels.
De Farne Isles zien wit van de vogelpoep

Super zeilweer!
Eind van de middag hebben we er genoeg van en varen we kort na hoog water Amble binnen, waar het we in de marina afmeren.
’s Avonds maken we een wandeling langs de kade en de mooie pier waarop het havenhoofd staat. Voor de kust ligt Coquet Island, een vogeleiland met een vuurtoren erop.
Met laag water vallen grote delen van de haven droog en blijft er een smalle geul over. Dan blijkt dat we in de marina lang niet overal hadden kunnen liggen.
Coquet River, bij Amble, in de avondzon, met Warkworth Castle aan de horizon

18 augustus: Warkworth Castle en naar Blyth

Wandelend langs de rivier naar Warkworth Castle
Vistrap in de rivier
Amble ligt aan de River Coquet. Stroomopwaarts ligt het mooie plaatsje Warkworth met het gelijknamige kasteel dat al vanuit Amble zichtbaar ligt te lonken. Dus wandelen na het ontbijt langs de rivier naar het kasteel om nog eenmaal onze English Heritagekaart te benutten. Alweer is het een zonnige dag. Langs de rivier zitten watervogels. 
Het kasteel is indrukwekkend. Er is een grote ommuurde binnenplaats met de restanten van een kapel, een grote kerk en de stallen. Hoewel het dak ontbreekt, zijn de muren van het kasteel zelf goed bewaard gebleven. Het ingenieuze ontwerp is opvallend. Het kasteel was het (tweede) huis van de Dukes of Northumberland, die zeer invloedrijk in Engeland waren.
Warkworth Castle

De houten pier van Amble

Het is een heerlijke middag en veel mensen picknicken op het gras binnen de kasteelmuren.
Het plaatsje zelf is ook 17e eeuws en ligt in een bocht van de rivier. De meeste huizen worden verhuurd als vakantiehuis door een organisatie. Dat is blijkbaar de manier om een dergelijk plaatsje te kunnen bewaren.
Opslagtank in de avondzon bij Blyth










Rond een uur of vier zijn we weer terug op de boot en we maken ons klaar om nog een stukje te varen.
Tijdens een mooie avondzeiltocht kruisen we naar Blyth. Daar meren we voor het donker af naast een Westerly, de Muirgen van Peter en Donna Carris, die vertellen dat ze op het schip willen gaan wonen.
Blyth is een verenigingshaven, met een oud lichtschip als clubhuis, waar een gezellig sfeertje heerst als we er later op de avond een Engels biertje, een Bombarbier, drinken.
Naast de vereniging is een kade waar grote kustvaarders afgemeerd zijn.
Grote kustvaarders in de haven van Blyth


19 augustus: Van Blyth naar Hartlepool

Havenhoofd bij Blyth, op de achtergrond de oranje opslagtanks
10  uur vertrek. Helaas schijnt vandaag de zon niet meer. Er lijkt eerst te weinig wind te staan, maar al gauw neemt de wind toe en kunnen we zeilen. Ook vandaag komt de wind weer uit het zuidoosten en moeten we kruisen. Weer dezelfde ervaring: over stuurboord loopt de Iskander veel sneller en soepeler dan over bakboord. De omstandigheden zijn de afgelopen dagen natuurlijk wel steeds gelijk.
We passeren de monding van de River Tyne, waar je op moet als je naar Newcastle gaat. In de verte ligt de priorij van Tynemouth. Met de telelens haal ik hem dichterbij.
Ten noorden van Tynemouth ligt de ruïne van de Priory.
In het najaar zullen we deze op TV zien in een aflevering van de Engelse detective 'Vera'.

We moeten opletten voor de grote aantallen kreeftenpotten die hier liggen. Dat is langs de hele Engelse Noordzeekust zo, maar hier is het wel heel erg.’s Nachts varen kan hier niet, want je kunt ze echt niet zien in het donker! Bij Newcastle varen we door een ankergebied waar verschillende schepen liggen. ’s Middags gaat het regenen en harder waaien. Inmiddels hebben we twee reven gezet, waarvan er op het eind van de middag weer een uit kan.
Souter Point Lighthouse, ten zuiden van Newcastle


Het is aanlandige wind en voor Hartlepool staan stevige golven. We maken ons zorgen over de aanloop. Gelukkig doven de golven snel uit als we naderbij komen. De aanloopgeul is heel smal met een geleidelicht dat je op 308 graden moet aanvaren en geen bebakening. Best spannend. Dan komen we in een sluis waar we hartelijk welkom worden geheten. Dat is hartverwarmend in de stromende regen.
Eenmaal afgemeerd, kruipen we lekker in de kajuit, hangen de natte zeilpakken te drogen en zetten de verwarming aan.
’s Avonds zien we op TV de superspannende Olympische hockeyfinale Nederland - Groot Brittannië, met Engels commentaar. Helaas winnen de Britten met shoot-outs. Ach, zilver is ook mooi.


20 augustus: Hartlepool verkennen

De Coastgard oefent in de sluiskom
Er is veel wind vandaag en morgen lijkt het beter te worden. Laten we onszelf niet pesten! Hartlepool moet een aardig plaatsje zijn en dus gaan we dat maar eens verkennen. We gaan op weg naar het museum. Als we langs de sluis lopen, is de Coastguard  in de sluiskom demonstraties aan het geven met het binnenhalen van drenkelingen. In Nederland heeft de Kustwacht geen mensen in dienst die zelf reddingen uitvoeren, dat doet de KNRM. Hier dus wel. Ze hebben aardige technieken om een gewonde op een stretcher binnen te halen. Opvallend is dat alle gewonden erg vrolijk kijken.
Gezicht op de museumwerf vanaf de Iskander

Het museum ligt aan de havenkom en bestaat uit twee delen, het Hartlepool Museum (gratis) en het Royal Navy Museum, met een kade met oude huizen en een tall ship. Wij bezoeken alleen het eerste, omdat we ook het plaatsje nog willen zien. Indrukwekkend is de tentoonstelling over de Duitse aanval op Hartlepool in december 1914, aan het begin van the Great War, waarbij 115 burgers omkwamen, en het gedeelte over de slag bij Jutland in mei-juni 1916, waar zowel de Britten als de Duitsers verrast werden door de grote tegenstand, waardoor het een gigantische zeeslag werd met zo’n 8500 doden, waarvan meer dan 6000 aan Britse kant. In de buurt van Jutland liggen nog verschillende wrakken.
Als we naar de historische kaap willen lopen, blijkt de afstand groter dan voorzien, dus halen we de fietsen op. Inmiddels regent het. Ik merk dat ik daar wel tamelijk genoeg van krijg!

De Sint Hildakerk torent boven de huizen van Hartlepool uit

Op de fiets verkennen we Hartlepool
De fietstocht gaat eerst door het uitgebreide havengebied en dan door troosteloze jaren 60-wijken. Is dat het historische stadje dat zo wordt aangeprezen? Gelukkig wordt het beter als we op de kaap zelf komen. De St. Hildakerk torent boven de huizen uit en valt op door de lengte van het schip. Op een pleintje zijn groepjes jongeren en zelfs een hele familie Pokemons aan het zoeken.
Met een omweg via het nieuwe West Hartlepool gaan we terug naar de Iskander. Best een aardig stadje, maar dan moet het wel beter weer zijn.
De oude kade van Hartlepool