vrijdag 1 augustus 2014

13 t/m 20 juli 2014: Naar Denemarken en door het Lymfjord


Zondag 13 juli : Met een omweg naar Andijk


De voorbereidingen zijn zaterdag gedaan. Zondagochtend hoeven we alleen onze kleren nog te pakken. Uitgezwaaid door Matthijs, vertrekken we naar de boot. De rit gaat wel met een fikse omweg, want eerst moeten we de kaarten van Denemarken ophalen, die we hebben uitgeleend aan Peter en Barbara. Zij waren eerst van plan om daarheen te gaan, maar hebben hun boot inmiddels naar Calais gebracht, in afwachting van hun zomervakantie. Dus lunchen we in Joure met lekkere broodjes van Barbara en wisselen we allerlei wetenswaardigheden uit. Met de kaarten op zak rijden we via de Afsluitdijk naar Andijk. Noch even een praatje op de steiger met Hans en Marian van de Rosa, het mooiste schip van de haven en  naar Enkhuizen voor de laatste verse boodschappen bij de Appie. Jan Willem rekent uit dat we morgen om twaalf uur moeten vertrekken. ’s Avonds op tijd naar bed, want we zijn allebei best wel moe en de spanning van  tocht speelt ons parten.

14 t/m 16 juli: De oversteek

 
Gezicht op Medemblik
Vaartuig van Rijkswaterstaat op de Wadden
Maandagochtend bij het klaarmaken van de schoten loopt het allemaal niet soepel. Ik moet ze drie keer door de leiogen halen voordat alles goed zit. Bij het hijsen van de kotterfok draait de val om zichzelf in de top en moet hij weer omlaag. Zo komt het dat we pas om half twee vertrekken. De wind is Westzuidwest, het eerste stuk is net bezeild. Na de sluis bij Den Oever hebben we de wind op de kop en moeten we motoren. Het is drie uur na hoog water. Gelukkig hebben we nog ruim een knoop stroom mee. We melden ons bij de VC Den Helder  en via het Marsdiep gaan we het Molengat in. Al gauw kunnen we de zeilen hijsen en onze koers wordt steeds ruimer. Na het Molengat meldden we ons af bij de VC en begint voor ons gevoel de tocht pas echt: de Noordzee op naar Thyborøn.
Vissende kotter op het Wad


Jan Willem aan de oranje tompouce,
over van het Wereldkampionschap voetbal
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Wandelaars op het strand van Texel
Zeehonden op de Noorderhaaks
Strandpaviljoen op Texel, waar we met Hemelvaart
nog koffie hebben gedronken
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Net als vorig jaar is deze keer de juiste koers voor de wind. Met de forse golven op zee en het risico op klapgijpen willen we dat niet, dus zet Jan Willem een bulletalie en gaan we het traject ‘afkruisen’: een koers van 150° ten opzichte van de wind varen. We maken de zeekooi met een slingerzeiltje klaar, zodat we daar om beurten kunnen slapen. Om half tien gaat Jan Willem het eerste verkeersscheidingsstelsel haaks oversteken. Ik lig dan te kooi. 


Renée slapend in de zeekooi
Nadat ik de wacht over heb genomen, zie ik rond half een ’s nachts op de plotter een vrachtschip dat een hele tijd op dezelfde koers op ons afstevent. Ik roep de ‘Saxum’ op om te vragen of hij zijn koers wil wijzigen en ons de ruimte geven. Eerst stemt hij toe maar even later roept hij mij weer op, of het echt nodig is. Ja, het is echt nodig, wan ik vaar voor de wind en ben daarom moeilijk manoeuvreerbaar. En heb alleen al voorrang omdat ik een zeilschip ben, maar dat zeg ik er niet bij.


Vanaf een uur of twaalf op  de dinsdagmiddag kunnen we rechtstreeks op Thyborøn koersen, maar de eerste uren nog wel met ruime wind.


Olieplatform op de Noorzee
De golven van achteren geven het schip een vervelende draaiing. Daardoor gaan we ons in de loop van de dinsdag allebei behoorlijk katterig voelen. Bij mij komt daar in de loop van dinsdagmiddag nog migraine bij, waardoor Jan Willem dinsdagavond drie wachten achter elkaar draait. Als ware hij een solozeiler zet hij het wekkertje steeds op 20 minuten en als het afgaat kijkt hij uitgebreid uit en werkt eens per uur het logboek bij. Verder heeft hij de AIS en de radar aan, met de nodige alarmen erop en dan moet het goed gaan. Gelukkig voel ik me rond een uur of drie ’s nachts, hoewel nog niet geweldig, toch dusdanig opgeknapt dat ik hem naar bed kan sturen.
Jan van Gent, we naderen de Deense kust

Met een goede wind op weg naar Thyboron
 
 
 
 
 
 
 
 
 
Inmiddels is de wind zo gedraaid dat we halve wind varen. In de ingang van het Lymfjord hebben we een beetje stroom mee en de golven zijn een stuk minder spectaculair dan vorig jaar. 
Thyboron in zicht!
Rond half negen ’s ochtends varen we de haven van Thyborøn binnen. Afgezien van de ongemakkelijke golven en zeeziekte was het een zeer voorspoedige tocht. We hebben vanaf het Molengat alles kunnen zeilen, grotendeels met snelheden tussen de 7,5 en 8,2 knopen. De hele tocht vanaf Andijk was 308 zeemijl en heeft 44,5 uur geduurd.

We gaan een dagje chillen en lekker bijkomen. We wandelen door het niet bijster sfeervolle plaatsje, maar het mooie strand maakt veel goed. 
In de haven van Thyboron
Dinsdagavond drinken we een wijntje bij onze buren, Karen en Hasse uit Götenborg. Ze zijn die dag uit Esbjerg gekomen en hebben de hele tocht gemotord. Ze vertellen dat ze hun schip, een Moody 44, in Engeland hebben gekocht en er sinds een jaar op wonen. We krijgen nuttige informatie over havens in het Kattegat, voor als we naar Kopenhagen willen.

Het strand van Thyboron

 

 

 Donderdag 17 juli: In het Lymfjord


Vissersboot in de haven van Thyboron
Als we ’s ochtends wakker worden is de wind gedraaid. De walmen van de visverwerkende industrie komen onze boot en onze neus binnen. Tijd om verder te gaan. Bij het afvaren blijft een stootwil achter de lijn en de paal van de box hangen. “Achteruit!”, roep nog ik tegen Jan Willem, maar het is al te laat. De stootwil is lek en de terminal van de zeereling verbogen.

Fabriekscomplex bij Thyboron
Gisteren hebben we besloten om naar het plaatsje Thisted te gaan, maar omdat we lekker hebben uitgeslapen is dat al te ambitieus. We besluiten bij Jegindø te stoppen, maar lopen al in de havenmonding vast, terwijl toch op de kaart staat dat het er 2,50 m diep zou moeten zijn. Dus maar verder, er zit niets anders op. Het wordt uiteindelijk Sillerslev. 
Nederlandse tweemaster in het Lymfjord
Ook daar loopt de Iskander vast als we een box in proberen te draaien. We leggen vervolgens op de kopse kant van de steiger aan naast een prachtig traditioneel houten schip met een aardige Deen erop. De havenmeester komt ons op de steiger tegemoet. Zonder naar de maat van het schip te vragen laat hij ons 120 kronen betalen. Ze kennen hier maar één prijs.


Lieflijk Deens landschap
Achter de haven staan een aantal grote huizen met protserige beelden in de tuinen. Van rijk geworden vissers misschien?


Avonds is er ‘Irsk musik’ in een drijvend paviljoen aan de haven. Het is een beetje oubollig en ze zingen er Deense volksliederen. Volgens onze buurman is er niets Iers aan. Niet genoeg Ierse Whiskey waarschijnlijk… Dat ondanks dat er aan de haven een stokerij van brandewijn en whisky zit, die voor de gelegenheid zijn deuren heeft geopend.


Palmenstrand bij Sillerslev
Sillerslev dus!
Naast dit mooi schip lagen we in Sillerlev
Kust bij Sillerlev

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Vrijdag 18 juli: Naar Fur



Voor het ontbijt gaan we even zwemmen bij het palmenstrandje, - ja heus -,  naast de haven. Vandaag een kort tochtje. Op ons dooie akkertje motoren we de 12 mijl naar het mooie eiland Fur (spreek uit: Foer). Volgens de folders het mooiste eiland van Denemarken. Als we om kwart voor twee de haven binnenvaren ligt die al behoorlijk vol. We meren af naast een viskotter. In de loop van de middag komen er nog drie andere schepen naast ons liggen. Verder doen we vandaag niet zo veel. Het wordt een leesdagje.
De Kust van Fur

Zaterdag 19 juli: Fietsen op Fur


Kerkje op Fur
Na een niet al te vroeg ontbijt pakken we de fietsjes uit. Het is een heel gedoe, want ze moeten over de viskotter getild worden. We pakken ze uit op de kotter.
Genieten van het uitzicht
Daarna maken we een fietstocht over het mooie eiland. De haven ligt aan de zuidkant. Op weg naar de kliffen aan de noordzijde passeren we eerst de oude haven, met een museumpje ernaast. Als we zo ongeveer aan koffie met iets toe zijn komen we bij een uitspanning uit met een groot terras waar het een drukte van belang is: het Bryghuset, wat zoiets als het brouwershuis betekent. Mensen drinken grote glazen bier en we zien iedereen met goed gevulde borden naar buiten komen. We veroveren een tafeltje en blijven er lunchen. Ze hebben een buffet met vis, salades, warme happen en heerlijke desserts.

De oude haven, niet meer in gebruik
Gesterkt door de lunch klimmen we weer op de fiets. Aan de noordzijde van het eiland zijn de hellingen steiler en de wegen primitiever. Soms zijn het karresporen, waar je in een van de twee sporen fietst en op andere momenten grindwegen. Wel een beetje veel gevraagd voor onze vouwfietsjes! We lopen langs het strand naar de Rode Steen. Als we verdwalen komen we door een stukje bos waar we opeens fazantenkuikens en even later de moeder fazant de weg zien oversteken.
Moeder fazant nog vaag in beeld


De Rode Steen
We fietsen naar het hoogste punt van het eiland en komen bij de groeve met de Moler uit, de aardlagen waar je fossielen kunt vinden. Je hebt er prachtige vergezichten. Rond een uur of vier hebben we er genoeg van en gaan we terug naar de boot. Er is nog genoeg moois over voor een volgend bezoek.



De gelaagdheid is duidelijk te zien
Ik foerageer in de plaatselijke supermarkt en breng pizza’s mee voor het avondeten. Na zo’n lunch mag het wel even makkelijk. ’s Avonds hangt Jan Willem het schilderijtje op dat we afgelopen juni op de kunstmarkt in Laren hebben gekocht.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Zondag 20 juli:  Matthijs komt aan in Aalborg



Op weg naar Aalborg
Het is nog een flink stuk naar Aalborg en daarom gooien we iets na negenen de trossen los. Eerst op de motor, maar vanaf de oostkant van Fur kunnen we een stuk zeilen. Na een uurtje moet de motor er weer bij,want het is niet meer bezeilen dat blijft helaas zo totdat we om17.15 in Aalborg in de Vesterebådehavn afmeren naast een grote Noorse Regina 43 met deckhouse. De jonge schipper begroet ons enthousiast. Vervolgens worden we afgezet door de havenmeester (500 kronen voor twee nachten!). We blijken in het havengedeelte van de werf te liggen. Nogal een rommel en met minimale faciliteiten.


Veel ondieptes al we Aalborg naderen, het is een soort waddengebied
Op de rechteroever een soort windmolenkerhof
Jan Willem heeft inmiddels vernomen dat er een Maleisisch verkeersvliegtuig, vertrokken uit Schiphol met zo’n 280 mensen waarvan 192 Nederlanders aan boord, in de Oekraïne uit de lucht is geschoten. Wat vreselijk.

 

Ik bereid het eten voor, zodat als Matthijs rond half negen binnenstapt ik snel een verse bamischotel op tafel kan zetten. Hij heeft een voorspoedige reis gehad. Fijn dat hij er weer is. We praten gezellig bij.

 

zaterdag 12 juli 2014

Zomervakantie 2014

12 juli 2014: Hoofdbrekens waarheen....


De vakantie is begonnen. Het was voor ons allebei afgelopen week nog even een eindsprintje op het werk, vandaag Sophie uitzwaaien die ook op vakantie is gegaan en met Matthijs shoppen in de uitverkoop. De tuin is weer op orde, de laatste was schoon in de kast. Morgen gaan we naar de boot en maandagochtend vertrekken we. Maar waarheen?

Al weken is Jan Willem de kaarten aan het bijwerken van het Kanaal en de Engelse Zuidkust. En de laatste week volgen we ook dagelijks het weerbericht. Het ene lagedrukgebied na het andere komt vanaf de Atlantische Oceaan het Kanaal binnenstromen en voorlopig wordt het daar ook niet beter. Alleen maar zuidwesten wind en instabiel weer. Tja, en dan willen wij naar de Scilly eilanden.... 

Vandaag hakt Jan Willem de knoop door: we gaan naar Thyboron  in Noord-Denemarken. Naar verwachting komt de wind uit de goede hoek en de komende week is het er zo'n 5 graden warmer dan in het Engels Kanaal en bovendien zonnig. Dus Denemarken, we komen er aan!

zondag 1 september 2013

Week 19 t/m 25 augustus: Van Cuxhaven naar huis

19 en 20 augustus – Door de Duitse bocht naar Vlieland

Opslag van tonnen naast de jachthaven van Cuxhaven
Als we die ochtend wakker worden zijn er al de nodige schepen weg. Gisteren waren er veel gesprekken op de steiger over wat het beste vertrekmoment is. In die gesprekken zie je de spanning en het ongeduld toenemen. Vooral bij mannen die zonder vrouwen oversteken.  Die zijn dus vannacht om twee uur al vertrokken. Wat je daaraan hebt is ons een raadsel. In elk geval twee gebroken nachten en waarschijnlijk te weinig wind.
Gezicht op Cuxhaven vanaf het water bij afvaart
De beroemde 'Kugelbake' markeert het einde
van de Elbe en het begin van de Noordzee
Omdat de wind volgens de verwachting in de ochtend zwak en variabel is en vanmiddag pas aantrekt en dan noordwest wordt hebben wij besloten om pas om één uur vanmiddag te vertrekken. Dan hebben we het meeste voordeel van het uitgaand tij als we de Elbe afvaren en krijgen we daarna waarschijnlijk goede wind. We maken rustig alles klaar, doen nog een boodschap en dan is het tijd voor vertrek: 12.42 uur, staat er in het logboek. Voorlopig varen we op de motor tegen de zwakke noordwesten wind in. De stroom trekt er ons lekker doorheen, op een gegeven moment zelfs met drie knopen extra. Om drie uur passeren we de ton ‘Elbe 1’ en kunnen we afbuigen naar het zuidwesten. We hijsen de zeilen, maar  tot een uur of vier staat de motor aan omdat het niet hard genoeg waait. Dan trekt de wind aan tot zo’n 10 knopen, precies zoals op de steiger in Cuxhaven was voorspeld door Wolfram van de ‘Pier 10’.
Visser op de Elbe, met op de achtergrond een bomenrij,
die uit het water lijkt te komen


Met 3 knopen stroom de Elbe af
Een SAR-bootkomt ons met grote snelheid tegemoet










Dan kunnen we in één streek door naar Nederland. Met af en toe een beetje trimmen loopt de Iskander lekker. In het logboek staan boot-snelheden tussen de zeven en acht knopen genoteerd. Het gaat zo stabiel dat ik gewoon kan koken. We varen aan de zuidkant van het verkeerscheidingstelsel dwars door een ankergebied waar tientallen schepen liggen. Na het eten gaan we wachten draaien. Ik draai de eerste wacht tot tien uur en Jan Willem volg van tien tot een, en zo verder.



Het ankergebied met in het midden
de Iskander op de plotter

We slapen op de kajuitbanken waar we de slingerzeiltjes hebben
geïnstalleerd. Midden in de nacht komen we langs een windmolenpark bij Borkum. Dat lag hier drie jaar geleden nog niet. Een woud van rode lichten is al van verre te zien, maar de kardinale tonnen, die de grenzen aangeven, zijn daardoor niet te zien. Jan Willem koerst er recht op af, om voor het windmolenpark naar bakboord af te buigen en er aan de zuidkant langs te gaan. We worden opgeroepen door het guarding vessel ‘Osprey’, dat constateert dat we netjes op tijd onze koers hebben gewijzigd. Fijn zo, die man moet ook zijn tijd doorkomen. Even later roept hij ons nog een keer op. Of we nog twee graden willen bijsturen. Lekker belangrijk!

Zonsondergang inde  Duitse bocht
De volle maan over de golven
zorgt voor een feeëriek gezicht.
Dit is wat het nachtzeilen zo leuk maakt.
















Het is bijna volle maan en we genieten van een werkelijk prachtige nacht op zee. Boven Schiermonnikoog en Ameland zien we een heel lint van vissers. Volgens de AIS zijn het voornamelijk Urkers. In de loop van de nacht krimpt de wind en gaan we steeds hoger aan de wind varen. Als rond een uur of zes we boven Ameland varen,                                                      is het niet meer bezeild en maken we onze eerste slag.
Terschelling met de Brandaris, .... bijna thuis!
Jan Willem kruist fanatiek tegen de stroom in...
Ik ga naar bed en Jan Willem kruist fanatiek richting Vlieland. Helaas tegen de stroom in, dus het schiet voor geen meter op. Als ik dinsdagmorgen rond elf uur mijn bed uit kom, zijn we Terschelling nog steeds niet gepasseerd. Inmiddels is Jan Willem wel gaan motorsailen. Omdat het bijna hoog water is snijden we de bocht af voor het gat van Vlieland.
Het strand van Vlieland
Warm welkom door Henk en Ina
Als we langs het strand varen staan Henk en Ina daar uitbundig te zwaaien. Leuk hoor! Om kwart voor drie liggen we eindelijk in de haven. Het voelt een beetje als thuiskomen. Twee boxen verder ligt de ‘Stormvogel’ van Henk en Ina, een van de eerste Sint Petersburggangers die we op onze reis zijn tegengekomen en dus nu ook een van de laatste. Het is ontzettend druk in de haven. Eind van de middag is hij vol. De rode vlag gaat omhoog en er mogen geen schepen meer in. Die moeten een eindje verderop gaan ankeren. Het hoogseizoen is hier nog niet voorbij!
In de haven zijn verschillende Toerzeilers en we drinken een borrel bij Rainier en Annet, waar het schip vol zit.
Drukte in de haven van Vlieland

21 en 22 augustus – Afkicken op Vlieland


Willem de Vlamingh,
ontdekkingsreiziger geboren op Vlieland
Het is prachtig weer en er heerst een ontspannen vakantiesfeer. Wat is Vlieland toch een heerlijk eiland. Jan Willem haalt broodjes en verse jus d’orange voor het ontbijt in de luxe, biologische havenwinkel. We rommelen en lezen de ochtend door.

Droogvallen met een Lemsteraak













Pieren steken bij laag water







Later op de middag maken we een fietstocht naar het Posthuis aan de westkant van het eiland. ’s Avonds eten we heerlijke kabeljauw van Gerrit de Oesterman. Ik realiseer me nu dat ik dat op de Oostzee heb gemist. Daar is weinig verse vis te krijgen.
Op MarineTraffic.com zien we hoe de meeste Sint Petersburggangers richting Nederland komen.
Mooi scheepje

Foeragerende grutto's  
















Uitgebloeid, maar nog steeds prachtig

Vogels kijken, we zien er niet zo veel

Het Posthuis, we drinken er ouderwets koffie met appelgebak. Dat is lang geleden.
Meeuwen op het strand
De volgende dag maken we een strandwandeling en aan de zuidoostkant van het eiland zien we de ‘Plons’ langs varen. We proberen de bandensporen van de grote strandtrucks, waarin tekstregels van gedichten staan op de foto te krijgen, - dezelfde die ook in de kop van ons blog staan -, maar in de meeste staan nu voetstappen:
Lippen branden van verlangen 
naar het zilte van de jouwe.
De wind maakt ruimte en
in vrijheid kan ik van je houden.
Gedichten in de bandensporen van de strandtrucks 


Een fraai zandkasteel












Met blote voetjes door de branding


  
Geen commentaar
Jonge meeuw
Aalscholver


VlieNamese Loempia's, de lekkerste ooit!
Op weg naar huis komen langs een tentje met ‘VlieNamese loempia’s’. Er staat een jongeman achter de toonbank die op overtuigende wijze zijn waren aanprijst. De loempia’s worden gevouwen door zijn familie en hij bakt alles helemaal vers. Het duurt even voordat we wat krijgen, maar dan heb je ook wat. Hij heeft niet gelogen: het zijn misschien wel de lekkerste die we ooit geproefd hebben.
Da nog even langs Gerrit de Oesterman, vandaag voor mosselen. Dat wordt weer genieten vanavond.

De 'Stoute Louise' van Joop Braakhekke ligt ook in de haven 

23 augustus – Naar Medemblik

Vertrek uit Vlieland, een Breehorn 37 gaat ons voor
Voor zaterdag 24 augustus wordt windkracht zes voorspeld. Dus gaan we vandaag, vrijdag, naar het IJsselmeer. Nou, we zij niet de enigen! Heel Vlieland en Terschelling lijkt leeg te lopen. Rond half elf vertrekken we.
3000 mijl op het triplog!









De Koegelwiek  racet langs een schip van de bruine vloot
Drukte op weg van Vlieland/Terschelling naar Harlingen
Omdat er maar heel weinig wind staat en we vanwege het tij op tijd bij Harlingen willen zijn, zetten we motor aan. Zo crossen we veel zeilers voorbij. In de loop van de tocht trekt de wind wat aan en als we de Pollendam bij Harlingen voorbij zijn hijsen we de zeilen en kan de motor uit. Naast ons vaart een schip met de naam ’SePia’ uit Lauwersoog. Dat kan niet anders dan van Ron Spoelstra zijn, wiens vrouw Pia heet. Voor de tijd van de ’Vol-au-Vent’, ons vorige schip, hebben wij ooit bij hem een schip gehuurd. We vragen of hij aan boord is en ja hoor! Even later steekt hij zijn hoofd naar buiten. De mannen zijn op weg naar de vierentwintiguursrace die vanavond losbarst.
Superjacht met een mast met vijf(!) zalings,
op weg naar Harlingen?

Voor de sluis bij Kornwerderzand is het razend druk. We hebben daar nog ooit zoveel schepen gezien. Het duurt dan ook bijna drie uur voordat we de sluis gepasseerd zijn. Wat altijd weer opvalt is dat er de nodige schepen zijn die niet op hun beurt kunnen wachten. Fatsoen is dan ver te zoeken. Schepen die het laatst aankomen en als eerste de sluis in duiken of aan de remmingwerken voor de sluis vastmaken zodat er niemand meer in of uit kan. We zijn weer in Nederland!



Start van de 24-uursrace voor Medemblik
Eenmaal de sluis door zetten we koers naar Medemblik, waar we de volgende dag onze oude zeilvrienden Paul en Marion zullen ontmoeten.
Vlak voor Medemblik zien we zo’n 30 schepen de start van de 24-uursrace passeren. Leuk gezicht! In veel havens rond het IJsselmeer wordt op ditzelfde moment ook gestart. In een grijs verleden hebben we zelf ook een keer meegedaan. Morgenavond zullen er meer dan 600 schepen in Medemblik finishen.  

24 augustus – Van Medemblik naar Andijk, onze thuishaven


Even lekker zeilen met Paul en Marion
Dat is natuurlijk maar een kippeneindje. Eerst praten we uitgebreid bij met Paul en Marion op de ‘Flegma’. Vervolgens gaan we samen een stukje zeilen. Paul en Marion zijn benieuwd naar de zeileigenschappen van de ‘Iskander’. We hebben stevige discussies over de juiste trim. Ondertussen hebben Paul en Marion wat telefonisch overleg over een BBQ die vanavond zal plaatsvinden. En zo komt het dat we die avond spontaan aansluiten bij een groep gezellige mensen die een scheeps-BBQ in Andijk houdt. 

25 augustus – Aangekomen na 3046 mijl!


Koffie drinken met Hollandse gezelligheid
Aangekomen waren we gisteravond natuurlijk al, maar vandaag voelt het pas echt zo. ’s Ochtends krijgen we eerst nog de barbecueërs van gisteren op de koffie, maar dan wordt het tijd om op te ruimen, het zout van de boot te spoelen, het blog af te maken, enzovoort, want rond vijven verwachten we Sophie met een auto.

Onze reis is ten einde! Het is een fijne tocht geweest, waar we met veel voldoening op terug kijken. Naast een zeilevenement is het vooral ook een culturele reis geworden. We hebben heel veel plaatsen in tien landen gezien, nieuwe mensen ontmoet en ruim drieduizend zeemijlen gevaren. We hebben geen ongelukken of noemenswaardige schade gehad, slechts een val verspeeld en een enkel krasje op de boot (en op de ziel). 

Drie en een halve maand is een lange tijd van huis. We zijn blij om weer thuis te komen en het gewone leven weer op te pakken. Het zal wel even wennen zijn!